US

The VICE Channels

Foto via auteur
Friday, 21 July, 2017

We spraken Kenny van Hummel over fietsen in Venezuela, bezemwagens en amateurvoetbal

Kenny van Hummel is een wielrenner die de mensen niet snel zullen vergeten. ‘Kamikaze Kenny’ was een sprinter, maar werd vooral bekend in de Franse bergen. Tijdens de Tour de France in 2009 had hij het loodzwaar in de achterhoede en iedereen leefde met hem mee. Elke dag zat het hele land met samengeknepen billen voor de televisie om te kijken of Kenny op tijd binnen zou komen. 

Veel bergetappes fietste hij met de bezemwagen in zijn nek en werd door de Franse krant L’Equipe zelfs uitgeroepen tot “slechtste klimmer ooit”. Vaak haalde hij net op tijd de streep en kwam al proestend en vloekend de finish over. Zijn laatste krachten gebruikte hij dan om de massaal uitgerukte pers te voorzien van een paar kleurrijke quotes en oneliners.

Inmiddels is Kenny al een tijdje gestopt met wielrennen en woont samen met zijn gezin in de buurt van Arnhem. VICE Sports sprak Kenny in een Arnhems café over voetballen met Theo Janssen, de mediahype tijdens de Tour en fietsen in Venezolaanse uitlaatgassen.

VICE Sports: Ha Kenny, in 2014 stopte je vrij plotseling met wielrennen. Waarom?
Kenny van Hummel: Als wielrenner ben je 170 dagen van huis en je sociale leven ligt op zijn gat. Ik won elk jaar drie tot vijf koersen, dus ik vond dat daar wel wat tegenover mocht staan. Bij mijn laatste ploeg hadden ze niet genoeg budget meer om mij een fatsoenlijke aanbieding te doen dus ben ik gestopt. Ik zie soms wielrenners die blijven doorfietsen voor een habbekrats. Ze weten anders niet wat ze moeten doen, maar ik wilde voorkomen dat ik tot in het oneindige doorging.

Veel sporters komen na hun carrière in een zwart gat terecht. Hoe ben jij hiermee omgegaan?
Ik heb daar geen last van gehad, maar je moet wel zelf actief zijn. Het werkt niet om bij de brievenbus te gaan zitten wachten en denken: misschien komt er straks wel een brief binnen met de vraag of je bij ons kunt werken. Vlak voordat ik stopte, had ik contact met iemand van Shimano, van de fietsonderdelen. Ik vroeg hem wat de logische vervolgstappen zijn na een wielercarrière.

kenny1Kenny in volle glorie tijdens zijn wielercarrière. (Foto via Proshots)

En toen?
Ik had alleen nog maar MAVO gedaan en had geen idee wat ik zou kunnen doen. Gelukkig kon ik bij Shimano terecht. Ik heb daar eerst even een soort stage gelopen. Maar het is echt niets voor mij om de hele dag in een ruimte achter een computer te zitten. Dan word ik gek. Ik werk nog steeds bij Shimano maar verkoop nu op maat gemaakte wielerkleding. Daarvoor bezoek ik wielerclubs, fietsenzaken en allerlei andere klanten.

Je zit dus nog steeds in de fietswereld. Zitten er veel ex-wielrenners in die business?
Je ziet toevallig veel ex-wielrenners die wielerkleding verkopen voor concurrenten van Shimano. Als ik dan een klant bezoek, zie ik er soms net een weglopen. Dat is grappig natuurlijk. Jeroen Blijlevens deed dit bijvoorbeeld ook. En als je dan een klant hebt gewonnen, stuur je vaak nog even een appje om het ze te laten weten, haha. Het lijkt eigenlijk een beetje hoe sprinters onderling met elkaar omgaan.

Hoe gaat dat tussen sprinters dan?
Sprinters vertonen vaak haantjesgedrag. Het gebeurde vaak dat een concurrent op een of andere manier aan mijn mobiele nummer kwam en dan smste. Dan stond erin dat ik de volgende keer gepakt zou worden als ik weer in de weg zou fietsen. Ik deed daar zelf niet aan mee, maar vond dat geweldig en moest daar altijd hard om lachen. Bovendien wist ik dan weer dat er rekening werd gehouden met mij.

 Fiets je nog steeds?
Ik fiets nog regelmatig, maar niet meer zo intensief. Ik heb op mijn bucketlist staan dat ik een marathon wil lopen. Ik loop nu dus regelmatig hard. In het begin was dat zeker wel lastig, omdat ik mijn hele leven voorover gebogen op de fiets heb gezeten. Ik loop eigenlijk zittend. Ik heb intussen ook wel alle hardloopblessures gehad, maar nu gaat het beter.

Je bent niet stil blijven zitten. Ik zag op Twitter dat je ook voetbalt.
Ik zit in het achtste van Eldenia, een echt vriendenteam. Meestal train ik op vrijdagavond en vind het dan vooral leuk om een biertje te drinken in de kantine. Op zondagochtend sta ik meestal langs de lijn bij de jongens, maar soms doe ik mee als buitenspeler. Theo Janssen voetbalt ook af en toe in dat team trouwens.

Twee voormalig topsporters in één team. Hoe is dat?
Conditioneel loop ik Theo Janssen er finaal uit natuurlijk, maar voetballend hoef ik me niets in m’n hoofd te halen. Voordat ik in dit team kwam heb ik ook nog nooit gevoetbald, maar het gaat steeds beter.


Je hebt zelf nationale bekendheid verworven, omdat je vaak als laatste eindigde in de Tour de France van 2009. Hoe leefde je daar vooraf naar toe?
Ik was eerst eigenlijk helemaal niet van plan om de Tour te rijden en piekte dat seizoen op andere momenten. Ik reed bij Skil-Shimano en dat was een klein ploegje. Uiteindelijk moest ik toch mee, omdat ik de enige was die een ritje kon winnen. Dus ik moest opeens zo fit mogelijk proberen te worden. Dat was gek. Bovendien overleed mijn oma vlak voor de Tour en daardoor kon ik ook niet bij de uitvaart zijn. En dan kom je ineens in zo’n groot mediacircus terecht.

Hoe ging je daar mee om?
Ik had me wel gewoon voorgenomen om mezelf te zijn. In mijn tijd bij de Rabobank had ik vijf jaar lang mediatraining gehad, maar die regels lapte ik aan m’n laars. Als ik als laatste over de streep kwam en helemaal naar de klote was, zei ik gewoon dat ik helemaal naar de klote was. In die Tour was er niet echt Nederlands succes, dus dan zoekt de media naar een verhaal. Vaak begon het ‘s ochtends al met een belletje van Giel Beelen en ‘s avonds had ik altijd nog wat belafspraken. Dus je had eigenlijk alleen rust als je sliep of op de fiets zat.

Hoeveel van die hype merkte je toen je weer terug in Nederland kwam?
Ineens moest ik handtekeningen uitdelen, alleen omdat ik als laatste rondfietste in de Tour de France. Dat is toch gek? Ik werd ook voor veel criteriums uitgenodigd, maar ik was geblesseerd geraakt tijdens de Tour. Dus dan deed ik alleen het startschot.

Dat achteraan fietsen in de Tour leverde dus wel het een en ander op.
Ja, maar je wordt dan niet herinnerd door je overwinningen, terwijl ik in 2009 – dat jaar van de Tour de France – mijn beste seizoen reed in andere ritten. Maar ik moet zeggen dat de NOS me daarna wel bleef volgen. Als ik dan ergens won, lieten ze dat altijd even zien. Ook al was het in Timboektoe.

nk wielrennen zondag eliteKenny treurt na zijn tweede plek op het NK in 2009. (Foto via Proshots)

Daarna deed je nog een keer mee met de Tour, maar daar heeft niemand het meer over. Ben je toen bewust anders met de media omgegaan?
Ik zat toen in een ploeg die al wat meer ervaring had met een grote ronde. Ik besloot toen ook om me niet meer zo in de media te manifesteren. Die hype zoals in 2009 wilde ik niet meer. Dan word je een soort clown. Bij sommige journalisten heb ik toen dus juist wel wat tactischer geantwoord. Ik sta er niet altijd om te springen om in de spotlights te staan.

Je hebt in je laatste jaar zelfs nog meegedaan aan heel iets anders, de Ronde van Venezuela. Hoe was die ronde?
Ik reed voor een Italiaans-Venezolaanse ploeg, die geld kreeg van de overheid in ruil voor het opleiden van Venezolaanse renners. Bij elke bar waar we naar binnen liepen, stond er op een bordje dat je geen vuurwapens naar binnen mocht nemen. Na acht uur mochten we de straat ook niet meer op en we gingen sowieso altijd onder begeleiding van een Venezolaan. Ik werd daar ook ziek van de uitlaatgassen. Iedereen rijdt daar in afgekeurde Amerikaanse auto’s, dus de lucht was ontzettend vuil. Dat was wel een aparte ronde.

Volg je de Tour de France nu nog op de voet?
Ik kan de etappes vaak niet zien vanwege mijn werk, maar volg het vooral via De Avondetappe. Je kunt daar ook altijd een shirtje winnen met de rebus die elke avond getoond wordt. En dat shirtje heb ik aan het programma verkocht. Dat is dus wel leuk. Ik kijk zelf ook altijd naar die rebus, maar dat shirtje is moeilijk te winnen. Ik snap er in ieder geval geen snars van.

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen: