US

The VICE Channels

Foto's door Eliott Schonfeld
Thursday, 22 June, 2017

Ik maakte een slopende trektocht door de onvergeeflijke wildernis van Alaska

De Fransman Eliott Schonfeld zat drie maanden in zijn eentje middenin de wilde natuur van Alaska. Hij reisde eerst per kano en ging daarna te voet verder. Hij kwam bijna geen mens tegen en werd alleen af en toe gestoord door een zwerm muggen of een nieuwsgierige grizzlybeer. Het was een zware, maar ook schitterende trip. Nu is hij terug en bereidt zich al voor op zijn volgende avonturen. Dit is zijn verhaal.

“Ik ben in de stad opgegroeid. Tot voor kort beschouwde ik de stad als mijn natuurlijke omgeving. Als ik de wijde natuur in trek, is dat nog altijd een schok. En dat komt niet alleen door het landschap. Mijn kijk op de wereld verandert. Ook denk en handel ik anders als ik in de afgelegen wildernis ben. Ik sta anders in het leven.

Alaska4
Ik wilde weg van de moderne samenleving en me in een tegenovergestelde wereld begeven. Dus ik moest de wilde natuur in om te kijken of ik de ‘gewone’ wereld een paar maanden kon missen. Daarnaast vond ik uit of ik me kon aanpassen aan mijn nieuwe omgeving en me alleen kon redden met de dingen die de natuur me voorschotelde.

Ik vertrok naar Alaska, omdat dat een van de laatste onherbergzame gebieden van de wereld is. Bovendien is Alaska net zo onherbergzaam als dat het verlaten is. De mensen hebben er hun stempel nog nauwelijks gedrukt, dus de natuur is intact gebleven. In het hoge noorden zijn de landschappen adembenemend. Alles is aanwezig. Bergen, vlakten, rivieren, meren en bossen.

Het doel van de reis was om één te worden met de natuur. Om dat voor elkaar te krijgen heb ik mezelf een aantal regels opgelegd. Ten eerste verbood ik mezelf om gebaande wegen of paden te bewandelen. Zelfs voetpaden waren niet toegestaan. Ik moest mijn eigen weg kiezen door de ongerepte wildernis. Ik heb tijdens het maken van mijn reisschema er al voor gezorgd dat ik geen asfalt en steden zou tegenkomen. Gelukkig is dit niet zo moeilijk in Alaska.

Alaska5
De tweede regel was dat ik geen overvolle rugzak mee mocht nemen. Ik heb wel eens gereisd, maar wilde bij dit avontuur echt afzien. Dus ik nam geen extra trui, luchtbed, gasfornuis of voedsel mee. Geen nuttige dingen, maar alleen voor het onmisbare was plaats in mijn rugzak. Ik droeg een tent, een slaapzak, een trui, een aansteker, een kompas, kaarten, een GPS-apparaat, een satelliettelefoon, een mes, een fles, een paar boeken, een camera, een notitieblok en een pen. Met deze uitrusting kun je bijna overal op aarde een aantal maanden overleven.

Het was pittig, maar ik begon al snel te wennen en leerde hoe ik voor eten kon zorgen om een aantal maanden in Alaska te overleven. Voor de eerste keer in mijn leven was ik echt zelfvoorzienend. Ik plukte bessen en paddestoelen en at veel vis. ‘s Nachts maakte ik een vuurtje om mezelf warm te houden. Overdag waste ik mezelf in het water van de rivier en ik dronk van hetzelfde water. Ik had al snel door dat ik in Alaska de voetstappen van grizzlyberen en rendieren moest volgen om snel vooruit te komen.

De hele dag peddelde ik of zwierf ik rond aan het einde van de wereld. ‘s Morgens en ‘s avonds verzamelde ik fruit en als ik de kans had viste ik mijn lunch en avondeten bij elkaar. Na een uur of acht rondpeddelen of lopen, bouwde ik mijn tent op een passende plek. Om te eten maakte ik een vuurtje met een mes en een steen. Daarna hing ik alle spullen die niet reukloos waren in boomtoppen zodat er geen beren op af zouden komen.

Het was de eerste keer in mijn leven dat ik zo lang op mezelf was aangewezen. Ik had het gevoel dat ik het leven opnieuw ontdekte. Ondanks de honger, pijn en de vermoeidheid realiseerde ik me hoe vrij, levend en gelukkig ik was.

Alaska6
Maar het was niet altijd eenvoudig. Ik heb ook extreem zware en moeilijke maanden gekend. Op sommige momenten stond ik echt op het punt om een einde te maken aan de reis. Mijn slechtste herinnering heb ik aan een moment aan het begin van mijn 900 kilometer lange wandeling richting de Noordelijke IJszee. Na 1800 kilometer kanoën verkocht ik mijn kano in het gehucht waar ik aankwam. Ik kon tien kilometer meevaren met een visser op de Yukon-rivier. Die bracht mij naar een andere rivier waar ik mijn reis kon vervolgen.

Het was mijn idee om via die rivier 70 kilometer met de stroom mee te varen. Het was al laat toen ik aan dat avontuur begon. Het leek een kansloze missie, maar met mijn laatste krachten volbracht ik deze uitdaging. Toen stond er een immens bos op me te wachten en dat was een regelrechte hel. Ik kwam in een jungle terecht waarbij je geen idee had waar je je voeten neerzette. Van alle kanten werd ik gestoken en ik liep daar maar in het pikkedonker. Elke stap kostte me ongelooflijk veel energie en de muggen bleven komen. Bloedige muggenbulten vermengden zich met mijn zweet en het werd steeds zwaarder.  

Na drie uur lopen besefte ik dat ik pas twee kilometer verder was gekomen. Ik besloot de wandeling te staken. Ik viel in slaap met de hoop dat dit gewoon een nachtmerrie was. De volgende morgen besloot ik terug te keren naar het dorp en mijn reis voort te zetten door de bergen. Ik liep het bos uit, legde mijn uitrusting langs de oever en zwom 25 minuten terug naar het punt waar de visser mij afzette. Daar moest ik twee dagen wachten voordat er een visser langs kwam en me terugbracht naar het dorpje. Drie dagen daarna ging ik verder met mijn tocht en dit keer boekte ik eindelijk vooruitgang.

Tijdens mijn reis heb ik ook de meest ongelooflijke dingen meegemaakt. Mijn beste herinnering is van een dag toen ik al drie weken aan het wandelen was. Ik had net een bos achter me gelaten en maakte mijn eerste stappen op de toendra, waar het zo koud is dat er zelfs geen bomen groeien.

Ik sjokte door het kleurrijke paradijs. Het leek wel alsof ik een schilderij in wandelde. Maar het paradijs veranderde al snel in een nachtmerrie. Plotseling stormde een enorme grizzlybeer op me af. Tien meter voor m’n neus stopte hij ineens. Mijn hart bonsde in m’n keel. We keken elkaar ongeveer tien seconden aan en ik voelde een combinatie van angst en puur geluk. Want het is natuurlijk een gevaarlijk dier, maar ook een van de mooiste die ik ooit had gezien. Dit waren zonder twijfel de meest intense seconden van mijn leven. Plotseling rende hij weer weg.

Nu bereid ik me voor op mijn volgende avontuur. In augustus begin ik aan een reis waarbij ik dwars over de Himalaya trek. Ik ben vier maanden onderweg van Pakistan naar Bhutan. Voor de beklimmingen van de hoogste punten wil ik telkens een Tibetaanse yak kopen die me kan helpen bij mijn tocht. Ook staat er al een poolexpeditie gepland. Dan wil ik vanaf Quebec met sledehonden het poolijs bereiken. En vanaf dan loop ik in m’n eentje richting de Noordpool.   

Maar de reis waar ik op dit moment het meest aan denk is een avontuur op de Stille Zuidzee. Ik ben van plan om naakt en slechts gewapend met een mes een onbewoond eiland op te zoeken en zonder hulp enkele maanden te overleven. Ook wil ik het Andes-gebergte nog oversteken, de Amazone-rivier bedwingen met een kano en Antarctica te voet passeren. En dan ben ik nog vergeten om mijn grootste droom te vertellen. Ik wil samen met een paar vrienden in het Hoge Noorden een hutje bouwen en daar een elk jaar een paar maanden doorbrengen.”