US

The VICE Channels

Alle foto's door Tim van Boxtel
Monday, 13 November, 2017

Hoe het grootste keeperstalent van Antigua in Breda belandde

Dominique Lapierre Armande (19) keerde de zonnige bountystranden van de Caraïben vier maanden geleden de rug toe. Hij komt van Antigua, een eiland ten noorden van Venezuela, dat zo’n 70.000 inwoners telt en bijna twintig keer in Nederland past. Het leven was daar mooi: Armande was het grootste keeperstalent van het land, hij stond op zijn vijftiende al in het eerste elftal van topclub Villa Lions en stevende af op een glansrijke carrière als international.

Iedereen op het eiland kende die ‘grote, blanke gast’. Maar met voetbal zijn nauwelijks knaken te verdienen in Antigua en dus koos Armande voor zijn opleiding. Hij zat twee jaar lang achter de kassa om zijn vliegticket en een Nederlandse hbo-studie te kunnen betalen. Nu woont en studeert hij in Breda. VICE Sports zocht hem op bij amateurclub Baronie, waar Armande nu keept.

VICE Sports: Ha Dominique, hoe gaat het tot nu toe in Nederland?
Dominique Lapierre Armande: Goed, ik begin aan het leven te wennen, alleen het is hier zo bizar koud. Ik bevries nu al. Ik zag laatst gewoon mijn adem veranderen in wolkjes. Dat was gaaf, ik ben toen even gestopt om dat een paar keer te doen. De mensen keken me raar aan, laatst bij de training werd ik ook al uitgelachen. Ik train de doelvrouwen van hoofdklasser Baronie, die kwamen niet bij toen ze me met een sjaal en handschoenen zagen lopen terwijl het 10 graden was. Ik kijk ook echt niet uit naar de winter, man. Ik wil wel graag sneeuw zien, maar die kou hoeft van mij niet.

Waarom heb je Antigua voor Nederland ingeruild?
Ik ben hier voor mijn opleiding, International Business and Management. In Antigua zijn de basisscholen en middelbare scholen van redelijk niveau, maar daarna heb je geen fatsoenlijke hogeschool of universiteit. Op dat vlak merk je dat het een ontwikkelingsland is. De dichtstbijzijnde universiteit zit in Trinidad en Tobago, maar dat is alsnog drie uur vliegen.

Mijn vader en moeder hebben hun roots in Nederland liggen, dankzij die achtergrond heb ik twee paspoorten. Daar heb ik echt veel geluk mee, want met alleen een Antiguaans paspoort kom je niet ver. Mijn zus studeerde al in Breda en er woont nog wat familie van ons in Nederland.

Hoe moeilijk was het om je voetbalcarrière te stoppen om te gaan studeren?
In Antigua is weinig geld te verdienen met voetbal, maar ik wil daar wel oud worden. Met een Nederlands hbo-diploma zit ik goed voor de rest van mijn leven. Bijna niemand daar heeft dat papiertje dus dan ben je gewild in de zakenwereld. En na mijn opleiding kan ik altijd nog proberen in Nederland het hoogste niveau te halen wat voetbal betreft, maar school heeft nu de prioriteit.

Hoe goed ben je eigenlijk?
Ik speelde in Antigua bij de Villa Lions, dat is een van de beste teams van het eiland en vergelijkbaar met een club in de Nederlandse eerste divisie. Ik debuteerde al op mijn vijftiende in het eerste. Ze kijken daar niet naar je leeftijd, maar vooral naar hoe goed je bent. Ook doorliep ik alle nationale jeugdelftallen. Jammer genoeg mocht ik nog niet voor het ‘grote’ Antigua spelen, want daarvoor moet je juist wel meerderjarig zijn.

Hoe ziet de voetbalcultuur eruit op Antigua?
In Antigua leer je het voetballen echt op straat. Mensen hebben geen geld voor iPads en PlayStations, iedereen speelt buiten. Ik heb daar veel aan gehad en ben op straat een voetballende keeper geworden. We speelden met kleine doeltjes gemaakt van twee schoenen, dus ik kon niet echt keepen maar moest gewoon meevoetballen. En je moet wel goed kunnen voetballen om je daar staande te houden, want iedereen in Antigua heeft zó veel skills in huis. Tactisch en qua schieten en passen zijn Antiguanen geen uitblinkers, maar vraag ze om vijf man te passeren en ze doen dat zonder enige moeite.

Ik denk dat ze er ook bijna iedereen zouden verslaan in een panna knockout. Maar ik heb ook  veel geluk gehad met de begeleiding van mijn vader. Hij is keeper geweest in de Nederlandse hoofdklasse en heeft veel geleerd van zijn trainers. In Antigua zijn de coaches bijlange na niet zo goed als in Nederland, daarom ben ik zo blij met de hulp van mijn vader. Hij is de beste trainer die ik heb gehad.

Is de supporterscultuur in Antigua te vergelijken met de Nederlandse?
Nee, totaal niet. Tijdens wedstrijden van topclubs zitten er vijfhonderd mensen op de tribune, alleen voor het nationale team loopt het hele eiland warm. Er is op het hele eiland één stadion, dat te vergelijken is met dat van NAC, maar de velden zijn erbarmelijk. Jullie Nederlanders moeten eens weten hoe goed jullie het hebben met die mooie kunstgrasmatten, grasvelden en trainingsfaciliteiten. Ik ben in Antigua regelmatig geblesseerd geraakt tijdens een wedstrijd omdat de ondergrond aanvoelt als beton, met meer hobbels en kuilen dan gras. Dat is voor een keeper die constant duikt niet echt lekker natuurlijk.

Daarnaast moet je in Antigua agressief zijn om jezelf staande te houden. Ik werd ook wel de ‘crazy white guy’ genoemd. Als er een corner werd genomen, gingen alle aanvallers mij uit de weg want ze wisten dat ze anders een knie in hun maag of een elleboog in hun gezicht kregen. Ik ging vol voor de bal en was niet bang om de man mee te nemen. Dat moest ook wel, want anders was ik zelf de pineut.

Dus je kreeg veel penalty’s tegen?
Nee, want zo is het voetbal in Antigua. De scheidsrechters zijn ook gewoon vreselijk slecht. Daardoor liepen de wedstrijden die wij tegen onze rivalen speelden altijd uit de hand. Dan gooide iemand er een hele vieze tackle uit en deed de scheidsrechter niks. Vervolgens gebeurde dat nog een keer, floot hij weer niet en dan werd het matten. Dat gebeurde altijd weer. Niet echt leuk. De sfeer tijdens die wedstrijden was sowieso altijd heftig. Ik denk dat je het kunt vergelijken met Feyenoord – Ajax.

Was het leven buiten het voetbalveld ook zo hard?
Op dit vlak wel, ja. Overal in Antigua worden dingen opgelost met vechtpartijen. De politie doet er niks aan, haalt de haantjes uit elkaar, maar bestraft ze niet. Ik was vaak het mikpunt, vooral toen ik nog naar een openbare school ging. Ik ben lang en blank, viel dus op. Mijn grote geluk was dat ik op school zat met veel van mijn ploeggenoten. Op een gegeven moment sloegen zij een jongen in elkaar die in eerste instantie met mij wilde vechten. Niet fijn om te zien, maar dankzij hen werd het leven voor mij wel een stuk makkelijker. Anders had ik een lastige jeugd gehad.

Dat klinkt heftig. Is er dan niet veel criminaliteit in Antigua?
Nee, dat valt mee. Als er pistolen worden gebruikt, grijpt de politie wel in. Alleen bij kleine misdaden doet de politie niet zo veel. Iedereen in Antigua is bijvoorbeeld weleens beroofd. Dat hoort er gewoon bij, dat is geen big deal. Ik heb ook een paar keer mijn geld af moeten geven, werd ik bedreigd met een mes. Daar doe je niks tegen, je wil ook niet neergestoken worden.

Hm, dat klinkt niet als een lekker land.
Dat is het wel! Ik wil geen verkeerd beeld scheppen. Het is er heerlijk, ik mis het ontzettend. Vooral de mensen. Die zijn namelijk ook heel gastvrij en behulpzaam. Staat er iemand met een lekke band, dan komen er van alle kanten Antiguanen aangerend om diegene te helpen. Antiguanen zijn een stuk opener en toleranter naar vreemden dan Nederlanders, dat merk ik wel. Ik word hier raar aangekeken als ik vreemden begroet in een winkel. Ook is er in Antigua meer respect. Als ik daar zo’n grote mond tegen ouderen zou hebben als sommige kinderen hier, dan zou ik echt klappen krijgen.

De opvoeding gaat er soms hard aan toe, maar daardoor leren kinderen in Antigua wel wat discipline en respect zijn. Ik spreek ouderen altijd aan met ‘u’ en ‘meneer’ of ‘mevrouw’ en noem ze bij de achternaam. Ook maakte ik in Nederland voor het eerst mee wat racisme is. In Antigua ben ik nooit gediscrimineerd, terwijl ik een van de weinige blanken was daar. Daar hebben we wel andere dingen om zich mee bezig te houden dan Zwarte Pieten. Of er genoeg regen valt om drinkwater te maken bijvoorbeeld.

Het klinkt alsof Nederland en Antigua echt tegenpolen van elkaar zijn.
Ja, zeker weten. Op zoveel gebieden. Wij feesten op stranden, jullie in kroegen en clubs. Wij hebben onze rum met 40 procent alcohol als grote trots, jullie kroketten en die stroopwafels – die zijn zo gruwelijk lekker. Ook de vrouwen zijn anders. In Antigua zijn ze kleiner, dikker en hebben ze een grotere kont, het schoonheidsideaal is gewoon heel anders. De mensen hier zijn ook zo groot man! Ik ben 1 meter 93, maar zag laatst een vrouw die nog groter was. Daar schrok ik echt van.

Kun je wel wennen aan het leven in Nederland?
Jawel, maar makkelijk was het niet. Ik heb heel veel aan mijn zus gehad, bij haar heb ik in het begin gewoond en zij heeft me de normen, waarden, wetten en regels van Nederland leren kennen. Anders was ik allang in de problemen gekomen. Een voorbeeld is een incident dat gebeurde bij Baronie, de club waar ik training geef. Een jongen liep tegen me op, zomaar vanuit het niets. Ik flipte, wilde met hem vechten, maar mijn zus zei dat ik rustig moest doen. “Hier worden dingen zo niet opgelost, als je gaat knokken word je opgepakt door de politie,” vertelde ze. Aan haar steun heb ik veel gehad.

Wat doe je naast je schooltijd?
Ik voetbal in de zaal, in een competitie voor studenten. Ik ben tijdens de open dag van die zaal gevraagd door een team om bij hen te komen spelen. Zaalvoetbal past goed bij mij omdat ik op straat in Antigua heb leren meevoetballen als keeper. Heel hoog is het niveau niet, maar het is wel leuk om te doen. Ik moet alleen wel oppassen met mijn agressie. Ik krijg vaak overtredingen tegen omdat ik er te agressief inga.

Hoe ben je als keeperstrainer bij de vrouwen van Baronie terechtgekomen?
Via een teamgenoot in de zaal. Hij is lid van Baronie en vertelde dat ze nog een keeperstrainer zochten voor de dames. Hij vroeg of ik daar interesse in had. Dat leek me wel wat en ik vind het nog steeds leuk. Die vrouwen zijn heel enthousiast en ik zie ze echt stappen zetten, dat is mooi om mee te maken. Ik ben trouwens geen leuke trainer voor ze.

Waarom niet?
Ik geef ze dezelfde trainingen als ik vroeger kreeg in Antigua. Dat wil zeggen: heel veel fysiek werk. Pff, Antiguanen zijn zó fit en sterk, op dat gebied verslaan ze bijna iedereen. Laat ze na een wedstrijd nog negentig minuten rennen en ze gaan als de brandweer. Die keepsters hier laat ik hard werken: duiken, opstaan, duiken, opstaan. De tweede bal hebben is nog belangrijker dan de eerste, vind ik.

Hoe staat het met je eigen ambities als keeper?
Volgend jaar wil ik het weer op gaan pakken, op het veld. Nog niet op een al te hoog niveau, maar gewoon lekker bezig zijn. Ik ben bij de mannen van Baronie gaan kijken. Zij spelen in de hoofdklasse, daar zou ik makkelijk mee kunnen doen. Het is mijn droom om ooit op het hoogste niveau in Nederland terecht te komen, net zoals in Antigua. Dat is alleen haalbaar als ik er echt alles voor opzij zet en keihard ga trainen. Na mijn studie ga ik voor dat doel hier in Nederland. Mijn droom is om ooit voor Ajax te spelen, mijn vader was al fan van die club en ik ben dat ook geworden. En daarna? Dan wil ik natuurlijk terug naar Antigua.

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen: