US

The VICE Channels

Illustratie door Dan Evans
Tuesday, 12 September, 2017

Hoe de egoïstische Rivaldo zich onmisbaar maakte bij Barcelona

Dit artikel verscheen oorspronkelijk bij VICE Sports Spanje.

Louis van Gaal was pissig. Dat is was niets nieuws, maar deze keer was zijn woede compleet terecht. Het seizoen 1997/98 was net begonnen, maar het missende puzzelstukje van zijn Barcelona – de speler waar Van Gaal specifiek om had gevraagd – ontbrak.

Dagen verstreken en Barça speelde tegen het Letse Skonto Riga in de eerste ronde van de kwalificatiereeks voor de Champions League. De Spanjaarden wonnen met 3-2, maar zonder echt feest te vieren. De ster van vorig seizoen, de Braziliaanse Ronaldo, was op weg naar Inter Milan en de fans werden ongeduldig.

Het was overduidelijk dat het team een katalysator nodig had – iemand die alles kon veranderen. Daarom besloot de president van FC Barcelona, Josep Lluís Nuñez, alles op alles te zetten: hij betaalde 26 miljoen euro om de afkoopclausule van Deportivo de la Coruña’s Braziliaanse sterspeler te matchen: Rivaldo Vítor Borba.

Van Gaal had zijn ontbrekende puzzelstukje binnen. De speler die zijn nieuwe project zou leiden. Rivaldo’s tijd bij Barcelona -–en de haat-liefde-verhouding tussen hem en zijn nieuwe coach – kon beginnen.

Maar al na een paar minuten nadat hij landde in Barcelona, realiseerde iedereen zich een cruciaal detail dat de evolutie van Rivaldo binnen zijn team zou tekenen. Rivaldo was namelijk niet bepaald een aardige gast. Hij had niet die ontwapenende lach die Ronaldiho jarenlang te voorschijn zou toveren, de energie van de jonge Ronaldo of de eeuwige kalmte van Romario.

Rivaldo was niet voorzichtig; hij was een zakenman. Geef hem de bal en hij zou zijn linkervoet er tegenaan planten en de bal regelrecht naar de kruising sturen. Vergeet rabonas, elasticas en espaldinhas: de man die ze ‘Rivo’ noemden, had geen tijd voor mooie bewegingen. Zijn schijnbewegingen waren droger dan de woestijn, zijn schoten harder dan graniet. De Braziliaan was een moordmachine als het op doelpunten maken aankwam.

In het hybride spel dat Van Gaal voor Barcelona voor ogen had, een Spaanse versie van het spel bij Ajax, was Rivaldo een lastige schakel. Aan de ene kant was hij overduidelijk de ster van zijn team, de sterkste speler en de meest doorslaggevende; maar aan de andere kant werd hij omgeven door stapels spelers met een overdreven liefde voor de pass. Rivaldo leek daardoor soms op een robot die door een balletvoorstelling wandelt.

Maar de combinatie werkte. In zijn eerste seizoen scoorde Rivaldo 27 goals en bracht hij zijn club de competitie en de beker. De stijl van het team was niet optimaal, vooral het begin was lastig – Barça eindigde laatste in hun groep in de Champions League na twee historische nederlagen tegen Dynamo Kiev – maar ze kwamen terug met twee titels in Spanje.

Maar het eerste seizoen bracht ook wat problemen aan het licht in Van Gaals project. Dit was niet bepaald een vriendschappelijk team – hoe kan dat ook, als de manager en sterspeler beide verre van zijn? Het elftal veroverde nooit de harten van fans en ze hadden het geluk al niet aan hun kant: na het winnen van La Liga en de Copa del Rey hetzelfde jaar, won Real Madrid de Champions League in Amsterdam en overschaduwde daarmee het Catalaanse feestje.

Van Gaals Barcelona moest dat onder ogen komen. Hun eigen falen in Europa daarbij opgeteld bleek fataal.

Het seizoen van 1998/99 was Rivaldo’s hoogtepunt bij Barcelona (wat bijzonder is, aangezien hij nog steeds professioneel voetbalde in 2015). Dankzij zijn 29 goals in 46 wedstrijden behield Barcelona de titel in La Liga en Rivaldo won zowel de Ballon d’Or als FIFA World Player of the Year (toen nog verschillende prijzen) in 1999.

En toch, al had niemand dat toen durven voorspellen, was dit het begin van het einde.

Jaren later vertelde Van Gaal dat Rivaldo alle teamleden bij elkaar riep tijdens een trainingssessie, na het ontvangen van zijn prijzen. De coach had verwacht dat Rivo al zijn ploeggenoten wilde bedanken voor hun harde werk en de prijs met hen wilde delen, maar dat was niet het geval. Integendeel: Rivaldo vond dat, aangezien hij de beste voetballer ter wereld was, hij overal mocht spelen waar hij wilde en eiste een plek op het middenveld op.

Van Gaal weigerde en gaf Rivaldo een paar wedstrijden op de bank als straf. Dit zorgde voor een flinke deuk in de relatie tussen de twee en het team moest op de blaren zitten. Rivaldo kwam weer terug in de basis, maar niets was meer hetzelfde.

De botsing van de twee enorme ego’s zorgde voor een onverwachte winnaar: Valencia. Los Che, en vooral hun spits Claudio Lopez werden een doorn in het oog voor Barcelona. Het beste voorbeeld deed zich voor in de halve finale van de Champions League van 1999/00: Valencia won thuis met 4-1 en verzekerde zich van een plekje in de finale.

Alsof dat niet genoeg was verloor de Catalaanse club aan het eind van het seizoen de La Liga-titel aan Deportivo, Rivaldo’s oude club. Het was een pijnlijk einde voor Van Gaal, die de club die zomer verliet.

Na enkele jaren middelmatigheid beëindigde Rivaldo zijn contract in de zomer van 2002, net na het winnen van het WK met Brazilië in Korea en Japan. Hij vertrok naar AC Milan, waar hij begon aan een lange tour die hem naar Griekenland, Oezbekistan, Angola en uiteindelijk terug naar Brazilië bracht.

Als iets kenmerkend was voor Rivaldo, is het dat hij zijn eigen weg volgde. Hij won de Gouden Bal, maar weigerde dat succes met iemand te delen. Hij was cruciaal voor de wereldtitel van Brazilië in 2002. Hij was cruciaal bij Van Gaals Barcelona. Hij scoorde honderden goals. En toch had je altijd het gevoel dat zijn tien ploeggenoten hem een beetje in de weg liepen.

Barcelona speelde tegen AC Milan in de poulefase van de Champions League van 2000/01. Het eindigde in 3-3 gelijkspel, Rivaldo scoorde ze alledrie. Maar dat was niet genoeg – Barça eindigde als derde en lag eruit. Die dag verdiende Rivaldo meer dan hij uiteindelijk kreeg. Dit was het geval tijdens een groot deel van zijn carrière, maar het was onvermijdelijk: je moet altijd een prijs betalen als je dingen op je eigen manier wil doen.

Als je het Spaanse voetbal volgt, dan weet je dat de jaren na Van Gaal niet bepaald prettig waren voor Barcelona. De volgende 3,5 jaar – tot Joan Laporta in de zomer van 2003 voor verandering zorgde – was de donkerste periode van de club. Barca’s dip werd alleen maar erger door de vergelijking met Real Madrid: tussen 1998 en 2003 pakte de aartsvijand stapels overwinningen.

Rivaldo was het sterkste wapen van de club in el Clasico, wat in die donkere periode het enige lichtpuntje leek te zijn. Het verslaan van Madrid zorgde voor enige compensatie, al was het slechts voor het moraal. Het gebeurde vaak dat Barça een mogelijke blessure van Rivaldo verzon, vlak voor een wedstrijd tegen madrid, in de hoop een psychologische voorsprong te krijgen.

De conclusie van het seizoen van 2000/01 was het schoolvoorbeeld van de misère van Barcelona, en het enorme belang van Rivaldo. Uitgeschakeld voor de Champions League in de poulefase, vijfde in de competitie en met een interim-coach aan het stuur na het wegsturen van Llorenc Serra Ferrer, moest Barcelona Valencia verslaan in hun laatste wedstrijd voor La Liga om een vierde plek te bemachtigen en met de hakken over de sloot aan de Champions League mee te mogen doen.

87 minuten in de wedstrijd staat het 2-2. Rivaldo heeft Barça twee keer op voorsprong gebracht, maar Rubén Baraja maakt het voor Valencia twee keer gelijk. Dan zet Frank de Boer een bal voor die Rivo in de zestien controleert, en dan…

Het gejuich van de fans in Camp Nou is oorverdovend. De coach, de altijd rustige Charles Rexach, kan amper geloven wat hij ziet. De wilde armbewegingen van Joan Gaspart langs de zijlijn gaan de geschiedenisboeken in.

De club had zich slechts geplaatst voor de Champions League, maar gedurende een hongersnood zorgde Rivaldo voor een sprankje hoop, en dat was onbetaalbaar.


Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen: