US

The VICE Channels

Fotografie door Stefan Djakovic
Friday, 7 July, 2017

Goran Ivanisevic vertelt over strandfeesten, mysterieuze blessures en Wimbledon

Geen enkele tennisser is zo ondoorgrondelijk als Goran Ivanisevic. Hij kon van iedereen winnen, maar ook van jan en alleman verliezen. De Kroaat won Wimbledon nadat hij een wildcard kreeg, maar moest ook eens een wedstrijd opgeven omdat hij al zijn rackets kapot sloeg.

Goran koos altijd zijn eigen pad en is daardoor nogal een mysterie. VICE Sports ontmoette hem bij een golfbaan in de buurt van Zagreb. We spraken de voormalig toptennisser over mysterieuze blessures, feesten in Kroatië, familie en zijn speciale band met Wimbledon.

VICE Sports: Ha Goran, waarom ben je als kind gaan tennissen?
Goran Ivanisevic: Ik woonde twintig meter van de tennisbaan in Split en mijn vader tenniste daar ook. Ik was zeven toen ik begon. Weet je waarom ik me dat nog goed herinner? Ik brak meteen mijn racket en dat was misschien meteen mijn grootste kwaliteit.

Ja, maar je kunt ook wel behoorlijk tennissen natuurlijk. Won je al veel tijdens je jeugd?
Voordat ik wedstrijden mocht spelen, moest ik eerst lessen afwerken bij een tennisschool. Na twee jaar speelde ik pas mijn eerste toernooi. In het daaropvolgende jaar haalde ik de finale van het Joegoslavisch kampioenschap in mijn leeftijdsgroep. Niemand wist wie ik was, maar ik timmerde al vroeg aan de weg.

Wanneer besloot je echt volledig voor tennis te gaan?
Toen ik veertien was, stond ik al voor de keuze tussen tennis en school. Ik besloot me op één ding te focussen, omdat het anders allebei niets zou worden. Ik was de beste van de wereld in mijn leeftijdsgroep, maar mijn ouders hadden geen geld. Helemaal niets. Ik sloeg nog steeds al mijn rackets kapot, dus er waren wel wat centen nodig. Toen besloten papa en mama het appartement van mijn opa te verkopen en ik kon beginnen aan het avontuur van mijn leven. Er waren geen garanties, maar mijn ouders besloten zich weg te cijferen voor mijn carrière.

Goran in een nogal intens overhemd.

Hoe ging je als kind om met je nomadenbestaan?
Het is maar net wat je gewend bent. Het was inderdaad eenzaam. Ik had toen nog geen geld voor een coach, maar ik had tenminste wel een kans. En die moest ik pakken.

Wat waren de moeilijkste momenten in de begindagen van je carrière?
De ergste dag van mijn loopbaan was in 1989. Ik herinner me het nog als de dag van gisteren. Ik vertrok naar Australië om de kwalificatieronde voor de Australian Open te spelen. Mijn vader riep me bij zich en zei: “Ik heb slecht nieuws. Je zus is ziek en wij moeten voor haar zorgen, dus nu moet je het helemaal zelf doen.”

Veranderde je daardoor?
Het was alsof dat iets in mij wakker schudde. De behandeling voor de ziekte van mijn zus was heel duur en we zaten al krap bij kas, dus ik speelde ook voor mijn ouders. Ik overleefde de kwalificaties en haalde zelfs de kwartfinale van het hoofdtoernooi. Ineens stond ik 121ste op de wereldranglijst en won ontzettend veel prijzengeld. Dat werd contant uitbetaald. Ik had nog nooit zoveel geld bij elkaar gezien. Ik stopte het geld in mijn jas en stapte in het vliegtuig. Het was ontzettend warm tijdens die vlucht, maar ik beschermde mijn jas en deed geen oog dicht. Toen ik thuis kwam, gaf ik de jas met geld aan mijn vader.   

En toen hoorde je ineens bij de grote jongens. Hoe was dat?
Na mijn doorbraak op de Australian Open kreeg ik een uitnodiging voor een toernooi in Amerika. Daar speelde ik in de kwartfinale tegen mijn grote idool Ivan Lendl. Ik had nog posters van hem op mijn kamer hangen. Ik was zo zenuwachtig dat ik zou om zijn gevallen als hij ‘Boe’ tegen me had gezegd. In een mum van tijd won hij de eerste set, maar daarna maakte ik het hem lastig. Toen besefte ik dat ik goed genoeg was om met de toppers mee te doen.

In 1990 was je eerste serieuze poging om Wimbledon te winnen. Je eindigde in de halve finale.
Ik stond ruim voor tegen Boris Becker, maar was al een soort van tevreden met een plek in de halve finale. Niemand verwachtte toen nog wat van mij, ik was te relaxed en liet me aftroeven. Ik genoot van het publiek, de aandacht, het centrecourt en vond het allemaal wel best.

Wat maakt Wimbledon zo speciaal?
Het is geweldig om daar te spelen. Mensen staan er ‘s avonds al in de rij om vervolgens ‘s ochtends pas een kaartje te kunnen kopen. Wimbledon was speciaal voor mij en dat zag je terug in de resultaten.

Behalve toen je verloor van Nick Brown in 1991. Een Brit die de 591ste plaats bezette op de wereldranglijst.
Ja, dat kan ook alleen mij overkomen. Ik ben onvoorspelbaar, maar dat is ook de reden dat de mensen van me houden. Die Brit was eigenlijk een tennistrainer geloof ik. Ik onderschatte hem volledig en speelde alsof ik de hele dag op het strand had gelegen. Ik had geluk dat er toen nog geen goksyndicaten waren, omdat mensen dit nu hadden gezien als matchfixing. Hoe kon ik godsnaam verliezen?


In 1992 stond je voor het eerst in de finale van Wimbledon. Vond je dat ook een vreemde finale?
Ik had alle grote favorieten al verslagen en toen verwachtte iedereen dat ik de finale ook wel even zou winnen. Maar ik speelde tegen Agassi, een echte ‘baseliner’. Dat lag mij niet zo goed. Ik voelde al snel dat ik de pot niet ging winnen. Ik denk dat ik weer te relaxed de wedstrijd in ging. Een beetje tekenend voor mijn carrière.

Daarna verloor je nog twee keer een finale, beide keren van Pete Sampras. En vooral die eindstrijd in 1998 was interessant of niet?
Dat was de eerste in mijn leven dat ik dacht dat ik niet van Sampras kon verliezen. Ik stond zelfs bijna 2-0 voor in sets, maar verloor alsnog. Dat was de grootste teleurstelling van mijn loopbaan. Vanaf dat moment gingen dingen bergafwaarts.

Je hebt veel last gehad van vreemde blessures die niemand anders had. Ook in 1998 toen je met je hoofd tegen je dubbelpartner knalde.
Ik heb mezelf ontzettend vaak geblesseerd door mijn eigen schuld. Ik denk dat ik een boek kan schrijven met als titel: “Hoe geblesseerd te raken zoals niemand anders dat kan”. Ik stond aan het net en dacht de bal even terug te spelen. Opeens lag ik op de grond en het voelde alsof ik was overreden door een Japanse sneltrein. Overal lag bloed en ik had geen idee wat er gebeurde. Achteraf bleek dat mijn dubbelpartner ook naar de bal vloog en er met een kopstoot voor zorgde dat ik knock-out ging. De scheidsrechter wilde zelfs nog dat ik doorspeelde. Maar ik ging naar de kleedkamer, werd drie keer gehecht en zat met gebakken peren.

Je had ook een aantal serieuze blessures die er zelfs voor zorgden dat je bijna wilde stoppen. Waarom veranderde je uiteindelijk toch van gedachte?
Dat is een goede vraag. Daarvoor moet ik weer terug naar 1998. Het ging minder en dat kwam vooral door een armblessure die ervoor zorgde dat ik niet meer kon serveren. Tijdens de Australian Open van 2001 was ik er helemaal klaar mee. Ik speelde al jaren slecht en moest zelfs in de kwalificatieronde beginnen. Het was snikheet en ik kon de baan niet vinden. Ik struinde het hele complex af en werd gek. Ik vroeg me af waar ik mee bezig was. Ik kon niet op deze manier doorgaan.

En wat gebeurde er toen?
Vlak voor Wimbledon speelde ik een grastoernooi. Op de dag dat ik een wildcard kon verdienen voor Wimbledon verloor ik. Je kan wel verliezen, maar niet op de manier waarop ik dat toen deed. Ik had mezelf echt geen wildcard gegeven, maar wonder boven wonder kreeg ik er toch een.

Goran op gravel. Afbeelding via PA Images.

Het onmogelijke gebeurde. Uit het niets won je Wimbledon.
Ja, ik veranderde voor het toernooi ook van racket. Normaal gesproken doe je dat niet midden in het seizoen, maar ik kon toch niet slechter spelen dan dit. Opeens trainde ik de pannen van het dak.

Was dat de enige reden?
Het had ook te maken met de rest van mijn voorbereiding. Ik bereidde me voor in Split. Vooral om het einde van het voetbalseizoen mee te maken. Hajduk kon de titel pakken in Varazdin. En ik ging met negen andere idioten naar die stad om de hele nacht te zingen en de ploeg te steunen. Hajduk werd kampioen, dus het was een groot feest op het strand. En dat zijn feesten die je alleen in Split ziet.


En toen wilde jij ook voor zo’n volksfeest zorgen?
Precies. Twee weken later begon Wimbledon en ik visualiseerde me hoe het feest zou zijn als ik de titel zou pakken. Ik had nog last van de armblessure, maar nam mezelf voor te serveren tot ik erbij neerviel. Ik won en mijn grote droom kwam uit.

Hoe was het feest?
Ik vroeg me af of er veel mensen zouden komen, maar het leek wel alsof heel Split was opgetrommeld. Het hele strand trilde op zijn grondvesten en we hebben flink doorgehaald. De stad heeft nog steeds zo’n geweldige energie.

Na je titel op Wimbledon speelde je nog een paar seizoenen, maar raakte geblesseerd op het strand in Miami. Was dat weer zo’n blessure die alleen jij oploopt?
Ja, ik had weer ontzettend last van mijn armblessure. Ik kon nog zwemmen, dus ging naar het strand. Ik kwam uit de zee en ontweek twee rennende mensen, maar stapte op een schelp. De wond werd niet goed schoongemaakt, ging ontsteken en ik eindigde op de operatietafel. Na die operatie was er geen weg meer terug. Toch maakte ik in 2004 nog een kleine comeback. Ik probeerde weer een beetje in vorm te komen voor Wimbledon. Dat was de plek waar het begon en ik wilde dat het daar ook eindigde. Het afscheid kon niet mooier. Ik was kansloos, maar ben toch trots op dat toernooi.

Jouw interviews staan vol van de anekdotes over de gekke dingen die je hebt meegemaakt. We weten dat je de enige speler bent die een wedstrijd moest opgeven
omdat je al je rackets kapot sloeg. Zijn er nog dingen die we niet weten?
MIsschien wel. Ik dronk normaal nooit tijdens een toernooi, maar in 1996 in Moskou wel. Ik kwam om zeven uur ‘s ochtends pas terug van een avond uit. Ik moest die dag spelen, dus sliep bijna niet, at weinig en ging zonder warming-up de baan op. Toch won ik dat toernooi.

Je bent nu betrokken bij Pro Sport Angels. Dat is een crowdfundingplatform voor jonge tennisser. Kun je er iets meer over vertellen?
Als ik dat vroeger had gehad was het een stuk makkelijker geweest. Voor mij, maar vooral voor mijn familie. We geven kansen aan alle jonge spelers die zijn afgeschreven, maar wel de kwaliteiten hebben. Ik ben in een sport opgegroeid waar continu dingen worden beloofd, maar niets wordt waargemaakt. Met dit platform proberen we de druk bij jonge tennissers weg te halen. Dit wordt een revolutie in de sport. Let op mijn woorden.

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen: