US

The VICE Channels

Foto's via Govert Metaal
Saturday, 9 July, 2016

Voormalig stratenmaker Govert Metaal vertelt hoe hij de Nederlandse pokerwereld uitspeelde

Wat Wimbledon is voor tennissers, is het Main Event van de World Series of Poker voor pokerspelers, beroepsgokkers en gelukzoekers: de heilige graal van een jaarlijkse serie pokertoernooien in Las Vegas. Het Main Event begint zaterdag 9 juli. Tijd dus om Govert Metaal te bellen, de allergrootste highroller van het Nederlandse poker.

In de wandelgangen van het poker wordt altijd gefluisterd dat Metaal ‘de eindbaas’ is. De 57-jarige pokeraar sloot 2013 en 2015 op de wereldranglijst af als de nummer 1 van Nederland, waarbij zijn concurrentie gemiddeld minimaal dertig jaar jonger is. Er is in de pokerwereld veel respect voor de altijd vriendelijke ‘Goof’ die als vijftiger – gekleed met sjaal en hoed – opvalt tussen de jonge whizzkids.

Hij gokt zich naar eigen zeggen helemaal suf en investeerde een groot deel van zijn winsten in ‘huissies’ (Haags voor vastgoed), maar waar zijn volledige kapitaal exact vandaan komt, blijft een mysterie. Metaal verdiende zijn centen ooit als stratenmaker, maar woont nu in Monaco en pokert al acht jaar puur voor de lol. Momenteel bereidt hij zich in Las Vegas voor op het Main Event.

Vice Sports: Hallo Govert, hoe ziet jouw gemiddelde dag eruit?
Govert Metaal: Bijna elke dag ben ik wel vroeg op. Dan ga ik lekker ontbijten en lekker in het zonnetje liggen. Beetje de financiën bijhouden. Beleggen. Aandelenmarkten. Dat doe ik automatisch. Maar het liefst poker ik elke dag.

Hoe ben je ooit miljonair geworden?
Ik ging al op m’n vijftiende van school en begon met werken bij een schildersbedrijf. Daarna werd ik stratenmaker. Ik mocht eerst alleen stenen aangeven, maar binnen een jaar was ik stratenmaker. Vroeger verdiende ik honderd gulden per dag. Geld hebben is geld maken. Iedereen heeft zijn eigen kwaliteiten en mijn kwaliteiten zijn vanaf mijn vijftiende gokken, kaarten en pokeren. Vrijdag kreeg ik mijn loonzakje en daarmee ging ik meteen gokken. Zo leer je van die spelletjes. Op mijn achttiende ging ik naar het casino en leerde ik dat je niet kunt winnen van roulette. Dus ben ik alles gaan lezen over hoe je het beste blackjack kunt spelen. Daarna heb ik veel Chinees gepokerd met rijke Chinezen. In Amsterdam speelden we veel illegale games. In gokhuizen, bij mensen thuis. Zo bouwde ik wat op.

Hoe illegaal waren die games? Wat gebeurde er?
Laten we het daar maar niet teveel over hebben.

Maar met gokken kun je toch niets opbouwen?
Wel als je belegt en investeert. Ook mijn vrouw won weleens wat. Na sluitingstijd huurden we in het Hilton altijd een hotelkamer. Dan gingen we met grote spelers, zakenmensen, en wat onderwereldfiguren gokken. Verder heb ik goed verdiend met de Nederlandse sporttoto. Vroeger pluisde ik alles altijd uit. Ik checkte alle wedkantoren van de wereld en zocht naar foutjes in de quoteringen.

Maar hoe heb je dat vermogen verder opgebouwd?
Al het geld dat ik vroeger won, investeerde ik in huisjes. Meer dan 25 jaar geleden begon ik daarmee. Vastgoed kopen en verkopen. De afgelopen jaren waren natuurlijk een slechte tijd voor vastgoed. Nu trekt het weer aan. Ik beleg ook geld op aandelenbeurzen. We wonen nu al vijftien jaar in Monaco.

Hoef je nooit meer te werken?
Even afkloppen, maar in principe niet nee, als er geen gekke dingen gebeuren. Ik moet alleen niet teveel verliezen met poker. Kijk, ik speel graag highrollers (toernooien met hoge inzet, van tienduizend tot een miljoen euro, red.). Als dat minder gaat, gaat het hard. De duurste die ik ooit heb gespeeld was die van Monte Carlo, de Super High Roller met een buy-in van honderdduizend euro. Verloor ik toch schlemielig, omdat Dan Shak (steenrijke Amerikaan, red.) met de slechtste move ooit zijn aas vrouw overspeelde tegen mijn aas koning. Een vrouw op de laatste kaart.

Wat was je grootste winst?
Twee keer ben ik ver gekomen op de Bahama’s. Vijfde voor 240 duizend euro en zesde voor 180 duizend euro. Twee jaar geleden heb ik in Canada eens 185 duizend euro gewonnen. Ik had toen wel wat mazzel: een paartje vrouwen tegen een paartje koningen. Ja, dat is poker.

Maar je hebt toch te maken met enorme schommelingen in je financiën als je dat soort toernooien speelt?
Ja, maar wij leven eigenlijk heel nuchter. Ik hou van goede wijn, maar ik hoef niet een wijn van van 500 dollar. Die van 50 dollar is ook goed. Hier in Las Vegas zie ik vier pokerspelers ‘s avonds zo Japans eten bestellen voor 1.500 dollar. Daar zie ik het nut niet van in. Ik heb vroeger ook wel eens Russisch poker – met dertien kaarten – gespeeld met Chinezen. Het was mijn dag niet en we verloren meer dan een ton. Daar stopte ik dus mee. Dat is mijn kracht: het gaat mij niet gebeuren dat ik mijn laatste geld erin steek. Ik ga ook niet met de grote pokerjongens cashgames spelen. Door mijn levenservaring en mijn mensenkennis kan ik aardig pokeren, maar er zijn veel betere pokerspelers.

Vind je het niet vervelend dat je je familie nu weer een maand niet ziet door het pokeren in Las Vegas?
We hebben de kinderen uitgebreid gedag gezegd. Over een maand zien we mekaar weer, hopelijk met mooie resultaten. Mijn familie profiteert financieel ook van ons geluk. Dat doe je als je kinderen hebt. Ik heb een dochter en zoon van in de dertig en mijn kleinkinderen zijn zes, twaalf en vijftien. Ik vind het heerlijk om een maand met mijn vrouw Leida te zijn. Ik ben praktisch altijd met haar. Lekker genieten, lekker eten. Ik ga ook heel goed met Fatima (Moreira de Melo, red.). Als wij ergens samen zijn voor het poker, zoals altijd in Las Vegas tijdens het Main Event, zoeken we elkaar op. Haar vriend Raemon Sluiter was even trainer van mijn kleindochter Leila.

Maak je nog wel eens misbruik van je imago van oude zakenman die er weinig van kan?
Zeker vroeger. In Las Vegas zijn er nog wel vreemde spelers die mij niet kennen. Daar haal ik voordeel uit. Dan ga ik bewust heel lang nadenken en doe net of ik twijfel. Of ik speel heel creatief. Dat pakt weleens goed uit. Mooie blufjes, daar houd ik van. Ik probeer altijd m’n kaarten anders voor te doen, dan dat ze zijn.

Wat vind je van de pokerwereld?
De pokerwereld waar ik nu in speel is gezellig. Dat zijn allemaal leuke sociale mensen. Ik speel bijna alleen maar toernooien. Daar pak je niemand z’n laatste geld af, zoals vroeger in de illegale games. Ik ging dertig jaar geleden al naar Las Vegas om te gokken, maar niet om het poker te spelen, wat ik nu speel. Ik deed veel in de Illegale gokwereld en dat is een keiharde wereld.

Hoe hard?
Nou, je wist dat je met onderwereld zat te spelen. Met jongens die over het algemeen eerlijk waren met betalen tijdens het gokken. Maar daarbuiten waren het echt boefjes.

Messen en pistolen op tafel?
Even afkloppen. Nee, niet waar ik bij was in ieder geval. Maar in vergelijking met vijftien jaar geleden kun je tegenwoordig moeilijk ergens grote gokpartijen organiseren, omdat er dan zoveel cash in huis ligt. Dat is gevaarlijk tegenwoordig.

Hoe vind je het dat ze jou de eindbaas noemen in de pokerwereld?
Het is bijzonder dat echt goede spelers mij dat compliment geven. Als oude man is dat geweldig. Die jonge pokerspelers hebben eigenlijk veel meer kennis. Ik denk dat ze me eindbaas noemen omdat ik een jongen van de gestampte pot ben. En mijn resultaten zijn er naar. Ik heb concurrentie van andere jongens die superintelligent zijn, zoals Joep van den Bijgaart en Ruben Visser, terwijl ik zelf nooit mij school heb afgemaakt.

En die oude stratenmakers van vroeger. Zeg je die nog wel gedag?
Pfff, dan heb je het wel over veertig jaar geleden. Maar ik groet ze zeker, zeker als het echte Hagenezen zijn. Iedereen dacht natuurlijk dat er niets terecht zou komen van me. En moet je nu zien.

Heb je veel pokerspelers kapot zien gaan?
Zoveel, dat is niet normaal. Gelukkig nooit echt vrienden. Ik kan een boek schrijven over de mensen die ik kapot heb zien gaan aan gokken. Je moet het spelletje spelen waar je kunt winnen. Dat is belangrijk. Ik heb duizenden mensen gezien die hun hele hebben en houwen verloren hebben in het casino. De ene maand zijn ze miljonair, de volgende maand hebben ze een tegenslag. Dat zijn de swings in dit leven. Mensen die met een miljoen dollar naar Las Vegas gaan, blut raken en dan zelfmoord plegen. Maar dat soort verhalen halen de krant niet. In Monaco ken ik ook mensen die een paar honderd miljoen hadden, maar nu de banken niet meer terug kunnen betalen. Mensen met honderd huizen, die door gokken nu geen een huis hebben. Mij gebeurt dat niet. Ik blijf met beide benen op de grond.

Zijn er dingen die je nog wil doen in het leven?
Het enige wat ik kan verzinnen is dat het ik leuk zou vinden om in de toekomst te investeren in jonge mensen met goede ideeën. Ik ben 57, dat is de verkeerde kant van de leeftijd. Als ik dit leven zo kan volhouden, vind ik dat heerlijk.