US

The VICE Channels

Foto: Georges Seguin
Saturday, 23 July, 2016

Opgewonden wielrenners Tinderen er op los tijdens de Tour de France

Loze momenten kan je dankzij bepaalde dating-apps gelukkig altijd vullen met iets nuttigs, met name in het buitenland, waar alles nog voor je openligt. Daar is er weer een heel nieuwe vijver om je hengel in te gooien: lekker Tinderen, Happnen of Grinderen. Alleen wat nou als je als vrouw die hengel uitgooit tijdens HET wielerevenement van het jaar: de Tour de France? Is dat libido van de tengere, afgetrainde mannetjes echt zo laag als de meeste mensen claimen? En staat die winnaarsmentaliteit de maand juli echt op de eerste plaats?

Als vrouw tijdens de Tour de France heb je het sowieso goed voor mekaar en daar hoef je echt niet een Doutzen-look voor te hebben. In tegenstelling tot de meeste steden in Nederland, waar de verhouding 1 man op ongeveer 20 vrouwen is, is het hier namelijk compleet tegenovergesteld. Hier ben je met maximaal 20 vrouwen, waarvan de helft werkt in het koffietentje. Daarnaast lopen er wat verdwaalde vrouwen van de renners zelf rond, die een spontane check op hun mannetjes komen doen. Nu wordt er vaak door journalisten en artsen gezegd dat topsporters een laag libido hebben, dat deze renners liever een berg beklimmen dan iets anders… Al deze ranke mannetjes van de Tour de France zouden behalve het wielrennen bar weinig presteren, of überhaupt aan iets anders willen denken dan fietsen! Die dunne lijfjes lijken al hun energie te geven aan de benen in plaats van een ander lichaamsdeel. Als 1 van die 20 vrouwen bij de Tour de France denk ik daar nu, na een paar jaar werken tijdens deze Franse titanentocht, heel anders over.

Zelf was ik, voordat ik dit stukje ging schrijven, niet bepaald bezig met het regelen van een wielrenverzetje tijdens de Tour, aangezien ik me vooral zorgen moet maken om technische zaken zoals draden en verbindingen. Maar de optie is er overduidelijk, daar ontkom je gewoon niet aan. Zodra je een stap zet in het Village Depart (het tijdelijke bobo-dorp van de Tour de France, dat zich elke dag in een ander start- of finishplaatsje vestigt) begint het al. Er wordt ongegeneerd gestaard naar elke vrouw die naar binnen loopt. De beveiliging kijkt drie keer op mijn toegangspas of ik daar als blonde chick wel echt iets te zoeken hebt. Dat is slechts het begin. Zo is een van de dagelijkse werkzaamheden van mediamedewerkers in het Village Depart jagen op nieuwtjes en koffie drinken bij de teambussen. Een wandelingetje langs de bouwplaats op het Rokin is er voor elke vrouw niets bij: van gestaar, tot nieuwe varianten aanhoren op “Ciao Bella”, tot een overdosis aan koffieaanbiedingen.

Uit eigen ervaring weet ik dat sommige ploegen voor een nog directere aanpak gaan en er geen doekjes om winden. Zo liep ik eens langs de geparkeerde bussen en terwijl de meeste teams zich bezig hielden met hun teammeeting in de bus, deed een ploeg van een Nederlandse renner (die het nogal goed doet op het moment) dat iets anders. Voordat ik ja of nee kon zeggen, stond ik op de plaats waar alleen de heilige renschoentjes mogen komen: in de bus zelf. Ik citeer de o zo vriendelijke buschauffeur: de ploeg wilde even collectief hallo zeggen. De renners hebben sowieso hun eigen begroetingsrituelen, want zodra de bussen met geblindeerde ruiten aan komen rijden bij de etappeplaatsen, kan je soms een luid gebonk horen. Dit luide gebonk is het testosteron dat opspeelt zodra er een meid langs de bus loopt. Wat is er dan veiliger dan vanachter een donker ruitje het enthousiasme laten blijken door op de ruiten te rammen?

Een van de teambussen met geblindeerde ramen. (Foto: Ian Chapper)

Nog veiliger is het zorgen voor een wingman in de gedaante van de persbaas, de man die er normaal voor zorgt dat de renner niet te veel interviews geeft tijdens de cruciale laatste voorbereidingen voor een spannende etappe. Nee, soms mag een wielrenner de persman ook even gebruiken voor een extra speciale taak: uitzoeken wie die ene vrouw daar is. Dan wordt via via bij de mannelijke collega’s gepolst hoe open ze staat voor het wielrennend schoon. Met dat antwoord kan de renner vervolgens naar de inschrijftafel fietsen, om daar vanachter zijn stoere zonnebril lekker te loeren. Zodra er geïnventariseerd is, zit er voor de renner nog maar een ding op: de datingapp van voorkeur opstarten. Nu kan ik niet zeggen dat ik hier zelf onschuldig aan ben, aangezien ik zelf de test wilde doen tijdens de Tour. Ik zette Tinder en Happn aan om vervolgens een rondje langs de bussen te lopen.

In de tijd dat de meeste renners warm fietsen en Bauke Mollema een boek leest, doden anderen de tijd met lekker swipen. Na fanatiek een ochtendje in de startplaats hartjes en kruisjes aangetikt te hebben, kan ik je melden dat ook de wielrenners zich in de loze wachtmomenten voor de koers prima vermaken met het spotten van leuke vrouwtjes op hun mobieltjes. Op Happn heeft onder meer de Franse Bryan Coquard een uitstekend profielfotootje en een Britse renner van de wielrenploeg Bretagne-Seche Environment doet aan goede zelfpromotie met uitgebreide foto’s van zichzelf in ploegshirt. Er is niet veel nodig om een van deze mannen aan de haak te slaan: zet een leuke profielfoto online. Een originele opening hoef je niet te verzinnen, aangezien het meteen duidelijk is waar hun interesses liggen. Op hun online datingprofiel verhullen ze bepaald niet dat ze meerijden met de Tour de France, er zijn genoeg actiefoto’s te zien op de fiets of selfies in wielrenshirtjes. Want voor het beklimmen van al die bergen moet je wel wat terugkrijgen.

De mannen chatten er lekker op los via Happn en de gesprekken gaan met name over wat ze willen gaan doen na de Tour de France. Zo konden de meeste mannen niet wachten om met vakantie te gaan, maar de gewenste vakantiebestemming was voor deze mannen alles behalve Frankrijk. Een van de renners stond na een leuke Tindersessie zelfs open voor mijn vakantiesuggestie: Amsterdam. Kortom: heb je twee borsten en een boost aan zelfvertrouwen nodig, ga een maand werken bij de Tour de France en je komt herboren terug!