US

The VICE Channels

EPA
Friday, 17 June, 2016

Hoe twee bondscoaches het beste IJslandse elftal ooit schiepen

Het nationale voetbalelftal van IJsland was in november 2013 dichtbij een verrassende kwalificatie voor het WK van 2014 in Brazilië.

Een paar maanden daarvoor was IJsland als tweede geëindigd in haar WK-kwalificatiegroep, wat betekende dat het team in een dubbele confrontatie met een nummer twee uit een andere groep uit moest vechten wie er naar het WK mocht. IJsland lootte Kroatië, een land met spelers van clubs als Barcelona, Bayern München en Real Madrid. De beste speler van IJsland, Gylfi Sigurðsson, speelde destijds voor Tottenham Hotspur, zijn ploeggenoten speelden voornamelijk voor onbekende Scandinavische ploegen, waarvan de namen lastig uit te spreken zijn. IJsland was dus de underdog.

De eerste wedstrijd tegen Kroatië eindigde in 0-0, in een ijskoud en aardendonker Reykjavik. Normaalgesproken is zo’n resultaat geen reden voor een feestje, maar in dit geval was het dikke prima voor IJsland. Doordat uitgoals dubbel tellen, was een 1-1 gelijkspel in Kroatië genoeg voor WK-kwalificatie.

Maar het liep voor IJsland niet van een leien dakje in Kroatië. Na 27 minuten scoorde Mario Mandzukic, de ondergetatoeëerde badboy die destijds nog onder contract stond bij Bayern München. Hij pakte later een rode kaart, zoals badboys dat vaker doen, maar IJsland slaagde er niet in om de overtalsituatie te benutten. Sterker nog, IJsland zakte door het ijs. Ervaren rot Darijo Srna scoorde na de pauze, waardoor IJsland met een man meer, maar twee doelpunten achterstand verloor. De droom van een natie was aan diggelen geschoten.

“Kroatië was beter, meer ervaren en toonde kracht,” zei Eidur Gudjohnsen, de beste IJslandse speler ooit, na afloop van de wedstrijd. “Maar we moeten alsnog trots zijn op wat we hebben laten zien tijdens deze WK-kwalificatierondes.”

Eidur had gelijk. De uitschakeling was een bitterzoet moment: een pijnlijk verlies, maar tegelijkertijd een hoogtepunt in de IJslandse voetbalgeschiedenis. Het land was nog nooit zo ver gekomen en met een populatie van iets meer dan 323.000 mensen, was de kans vrij groot dat het land het nooit meer zo ver zou schoppen.

Toch is het team alleen maar beter geworden sinds die avond in Zagreb. Afgelopen dinsdag debuteerde IJsland tegen Portugal (1-1) op het EK, de eerste grote eindronde waarvoor de mannen zich ooit plaatsten. (De vrouwen namen al twee keer deel aan een EK.)

Alhoewel het team beter is geworden – het staat nu 34ste op de FIFA wereldranglijst, waar het in april 2012 nog op de 131ste plek stond – is er weinig veranderd. IJsland gebruikt nog steeds dezelfde 4-4-2 die het in Kroatië gebruikte. De vaste basisopstelling is ook nog vrijwel identiek. Bijna alle spelers die minuten maakten tijdens het 2-0 verlies van Kroatië, speelden twee jaar later tijdens de 1-0 overwinning op Nederland, die IJsland verzekerde van EK-kwalificatie.

Slechts een aspect was veranderd: de technische staf. Lars Lagerbäck, de ervaren Zweedse trainer, was niet ontslagen, maar in plaats daarvan gaf de bond assistent Heimir Hallgrimsson promotie. IJsland heeft daarom twee hoofdtrainers.

Heimir Hallgrímsson. Foto door EPA

Een voetbalteam met twee hoofdtrainers is een zeldzaamheid. Ik kan slechts twee andere voorbeelden bedenken. De eerste daarvan betreft Lagerbäck, die de functie in de jaren nul deelde bij het nationale elftal van Zweden. Het tweede voorbeeld betreft Liverpool, waar Roy Evans en Gerard Houllier in 1998 vijf maanden samen aan het roer stonden. En dan heeft het Nederlands elftal inmiddels natuurlijk drie bondscoaches, maar laten we de chaos van Oranje even vergeten.

Het is vrij logisch dat een gedeeld hoofdtrainerschap weinig voorkomt. Op het eerste gezicht lijkt het ook bizar. Het is in strijd met de militaire machtsstructuur die van toepassing is op de meeste voetbalteams. Hoofdtrainers moeten onfeilbare leiders zijn binnen hun kleine koninkrijkje. Hoe kunnen ze anders het respect van hun spelers krijgen bij beslissingen over waar, hoe en wanneer ze spelen?

Neem nou een paar van de beste trainers uit de voetbalwereld: Pep Guardiola, Louis van Gaal en José Mourinho. Het is haast niet voor te stellen dat zulke mannen in een structuur werken waarbij ze alles vooraf moeten overleggen. Toen David Beckham in 2003 mot kreeg met Sir Alex Ferguson, trapte Ferguson een losliggende schoen op het oog van Beckham. De twee raakten bijna slaags en Beckham werd het seizoen daarna verkocht. Dit soort dictatoriale macht hoort bij managers van topteams.

Maar IJsland is geen Manchester United. Het kan geen spelers kopen en verkopen en het kan zich niet veroorloven om haar sterspelers te verbannen. IJsland moet het doen met wat het eiland ophoest. Historisch gezien is dat, op Eidur na, niet best geweest. Maar de afgelopen tien jaar heeft het land voetbal omarmd als nooit tevoren.

Een deel van de revolutie is technisch. Volgens Heimir heeft nu bijna elke club en school in het land een kunstgrasveld. Daarnaast zijn er zeven overdekte stadions gebouwd, verspreid door het land, waaronder eentje in Heimaey, de geboorteplaats van Heimir. Heimaey heeft iets meer dan 4.000 inwoners. “Het voetbal in IJsland is niet meer alleen een zomersport, maar een sport die het hele jaar gespeeld wordt,” vertelde Heimir me in 2014.

Maar het gaat verder dan kunstgrasvelden. IJsland neemt het coachen ook bloedserieus. Het land heeft meer coaches met een UEFA-licensie dan Engeland. Ómar Smárason, de directeur communicatie van de IJslandse voetbalbond, heeft drie kinderen onder de negen jaar, die alledrie getraind worden door trainers met een UEFA A of B licensie. Met een UEFA A licensie kunnen deze trainers niet aan de slag als hoofdtrainer in de grote Europese competities, maar ze kunnen er wel mee aan de slag in een technische staf. Kortom, de trainers van Ómars kinderen hebben dus dezelfde papieren als de assistent-trainers van clubs als Arsenal, Chelsea, Bayern München en Paris Saint-Germain.

Maar zelfs met de enorme toename aan trainers zijn de middelen van IJsland beperkt. Als een land minder inwoners heeft dan de stad Utrecht, valt er niet zoveel te kiezen aan basisspelers.

Om het maximale uit zo’n elftal te halen, moet je creatief zijn. Je moet de werkwijze van een elftal volledig herstructureren.

IJslandse supporters praten met ontzag over Lagerbäck, alsof ze nog steeds niet kunnen geloven dat hij de baan aannam. Na het huidige EK gaat hij met pensioen. Hij is 67 en wil tijd doorbrengen met zijn vrienden en familie. “Je leidt geen normaal leven met deze baan,” zei hij in mei tijdens een persconferentie. Lagerbäck zat toen naast de 49-jarige Heimir, zijn protégé. “En ik heb niet meer zo lang te leven.”

Een journalist vroeg Lagerbäck wat hij hierna wilde doen.

“Het Braziliaanse elftal coachen,” riep iemand uit de zaal.

“We hebben een nieuwe president nodig,” riep een ander.

“Dat zou natuurlijk leuk zijn,” antwoordde Lagerbäck met een glimlach. “Maar ik zou de mensen van IJsland niet met mij als president op willen zadelen. Ik heb daar ook het verkeerde paspoort voor. Maar dit is een mooie plek.”

Het was opvallend dat Lagerbäck in 2011 aantrad als bondscoach van IJsland. Hij was jarenlang bondscoach van meer ontwikkelde voetbalnaties als Nigeria en Zweden, waar hij werkte met grote sterren als Zlatan Ibrahimovic en Henrik Larsson. IJsland was destijds nog een land van niks op de mondiale voetbalkaart.

“Ik heb 27 interlands voor IJsland gespeeld en we verloren alles,” zei voormalig profvoetballer Bjarki Gunnlaugsson in 2015. Zijn laatste wedstrijd voor IJsland speelde hij in 2000. Zijn ervaringen spreken voor zich. “Het was een en al amateurisme, we wisten voor elke wedstrijd al dat we gingen verliezen. Bij thuiswedstrijden zaten er 4.000 man op de tribunes en die gingen uit hun dak als we een keer gelijkspeelden.”

Maar Lagerbäck raakte geïntrigeerd toen hij de baan aangeboden kreeg en de spelerslijst langsliep. Jong IJsland had net deelgenomen aan het jeugd-EK, dus er kwamen talenten aan. Het beloftenelftal had het niet bijster goed gedaan op het toernooi – ze werden derde in de groepsfase, achter Zwitserland en Wit-Rusland – maar het feit dat Jong IJsland zich überhaupt had gekwalificeerd, was een klein wonder.

De kern van het huidige elftal bestaat uit spelers die destijds voor Jong IJsland speelden. Ze zijn jong, getalenteerd en worden geleid door Gylfi Sigurðsson, een aanvallende middenvelder die de lijnen uitzet bij Swansea City.

“Toen ik de baan aannam, vond ik het interessant om te zien wat ik kon doen met een jonge selectie,” zei Lagerbäck. Het gebeurt niet vaak dat een ervaren trainer een beroep kan doen op zijn lange carrière om een jong elftal volledig te kneden. De vraag die hem na zijn aanstelling bezig hield, was hoe hij de ruwe talenten hun optimale kwaliteiten kon laten benutten. En Lagerbäck moest er bovenal achter komen wat überhaupt de kwaliteiten van de jongens waren.

“We zijn een underdog,” zei Lagerbäck. “We beschikken bij IJsland niet over de meest technische voetballers. Bij Zweden en Nigeria heb ik geleerd dat je naar sterke punten moet zoeken om de grote jongens te kunnen verslaan, om het zo maar te zeggen.”

Voordat Lagerbäck die sterke punten had gevonden, moest hij aan de slag met de mentaliteit van het team. De spelers waren geen lamzakken, maar er was een reden dat ze niet bij Europese topclubs speelden. Lagerbäck bakte wat dat betreft geen zoete broodjes. Als je de elftallen tegen elkaar afzet, is IJsland nooit te vergelijken met Duitsland of Spanje. De coach moest iets vinden waar het team zich aan op kon trekken, iets dat niet per se te maken had met voetbalkwaliteiten. Hij richtte zich op de organisatie van het team.

IJsland was natuurlijk niet het eerste team dat probeerde een tekort aan technische vaardigheden te maskeren met een goede organisatie, maar hun aanpak was net wat anders. Het ging niet alleen om samenwerken. Lagerbäck en Heimir vertelden me allebei meermaals dat ze geloven dat IJsland het best georganiseerde elftal in de wereld heeft.

“Dat zijn we ondanks dat we niet over de beste spelers beschikken,” zei Lagerbäck. Organisatie – opereren als een gestructureerd, cohesief team – is datgene waar zij constant aan werken. Door de focus te leggen op de ambitie om het best georganiseerde team in de wereld te worden, namen Lagerbäck en Heimir het minderwaardigheidscomplex weg dat IJsland kenmerkte in de jaren waarin Bjarki nog tot de internationals behoorde.

De resultaten van deze aanpak zijn meetbaar. Voordat Lagerbäck zijn selectie voor het EK bekendmaakte, gaf hij een korte presentatie voor de aanwezige pers. Bij een slide glunderde hij van trots. Op de slide werd aangegeven dat IJsland tijdens de WK-kwalificatiereeks drie keer de nul had gehouden, tijdens de EK-kwalificatie was dat maar liefst zes keer gelukt.

Lagerbäck had een goed georganiseerd, zelfverzekerd team gecreëerd, maar was dat genoeg? De voetbalwereld barst van de goed georganiseerde, zelfverzekerde elftallen. Een blik op de beste voorbeelden leert dat zij allemaal een eigen identiteit hebben: Spanje heeft het tiki taka, Italië heeft catenaccio en Nederland het totaalvoetbal.

Een buitenlandse trainer die aan de slag gaat in een voor hem onbekend land, kan zich niet alleen bezighouden met tactiek en wedstrijdanalyses. Lagerbäck moest de mensen ook leren kennen. Hij moest ontdekken hoe ze samenwerkten en wat hun kracht daarin was. IJsland heeft een kenmerkende eigenschap die het land uniek maakt: de populatie is bizar klein. In het voetbal is dat een nadeel, maar cultureel gezien hoeft dat helemaal niet zo te zijn.

“De afstanden tussen de leiders en de rest van het volk zijn klein,” zei Lagerbäck eens over de populatie. “Dat geldt voor de samenleving als geheel, maar ook in de voetbalwereld van IJsland. Je kan je niet verstoppen. Dat kan in andere landen, maar niet in IJsland.”

Lagerbäck deed alles wat hoofdtrainers altijd doen: hij zette zijn staf op en organiseerde oefenwedstrijden. Maar hij wist ook dat het team meer nodig had dan een goede organisatie om te slagen op een eindronde. De betrokkenen moesten hem vertrouwen en in zichzelf geloven.

Lagerbäck koos niet voor de houding van een dictator, maar voor de aanpak als mentor. Tijdens de WK-kwalificatie ging dat verder dan slechts het delegeren van taken aan assistenten. Hij nam Heimir – die zijn hele carrière als assistent had gewerkt en daarnaast tandarts was – onder zijn hoede. Deze rol lag Lagerbäck wel. Tijdens zijn trainerscarrière is hij altijd actief geweest als trainersopleider bij de Zweedse voetbalbond en de UEFA. Hij kende Heimir daarom al uit de schoolbanken van de UEFA.

Heimir praat vol respect over Lagerbäck. De Zweed gaf hem de kans om zijn droom te verwezenlijken en als professioneel trainer aan de slag te gaan. De IJslandse topcompetitie is semiprofessioneel. “In IJsland kan je niet naar een stadion gaan om even een professioneel team te zien trainen. Dat bestaat hier niet,” aldus Heimir.

Lagerbäck leerde zijn protégé om zijn ambities in toom te houden, door hem duidelijk te maken dat het coachen van een land gaat om kleine, consistente herhalingen. “Voor een klein land als IJsland is continuïteit belangrijk,” zegt Heimir hierover. “Dus we moeten het niet de ene dag zo en de andere dag zus aanpakken. We moeten voortborduren op datgene wat we langzaamaan aan het uitbouwen zijn.”

Het besluit om Heimir promotie te geven en gelijk te stellen aan Lagerbäck, kwam van Lagerbäck zelf. De voetbalbond van IJsland bood Lagerbäck een contractverlenging aan na de WK-kwalificaties. De Zweed stelde voor dat hij een tweejarig contract zou tekenen en Heimir een vierjarig contract als mede-hoofdtrainer. Zo zorgde men voor continuïteit. Heimir zal uiteindelijk het systeem en de structuur voortzetten die Lagerbäck heeft gecreëerd.

Maar de promotie ging om meer dan alleen continuïteit. Volgens de trainers stelt de promotie niet zoveel voor, omdat de gang van zaken nog steeds hetzelfde is en de beslissingen nog steeds groepsgewijs worden genomen. Het enige verschil tussen hun taken is dat Heimir de aanvallende trainingen leidt en Lagerbäck de verdedigende oefeningen. Maar de gelijkstelling van Heimir heeft wel degelijk een grotere impact. Het is vooral symbolisch gezien een belangrijke zet geweest.

Het team van Lagerbäck is gebouwd op vertrouwen en hard werken. Hoe kan je beter vertrouwen scheppen, dan laten zien dat je wil dat het ook goed gaat met het team als jij straks weg bent?

De vraag die overblijft, is hoe groot IJsland nu mag dromen. Als underdog worstel je altijd met de tegenstrijdigheid dat je blij moet zijn om ergens überhaupt te zijn, terwijl je geen tijd hebt om daarbij stil te staan, omdat je vol voor de winst moet gaan.

Lagerbäck en Heimir geloven dat ze de ambities van het elftal onder controle hebben. “We herhalen tijdens trainingen altijd wat onze sterke punten zijn. We moeten niet denken dat we beter zijn dan we daadwerkelijk zijn. We moeten allemaal onze verplichtingen nakomen,” aldus Lagerbäck.

De supporters van het IJslandse team zijn niet gewend aan de positie waarin het elftal momenteel verkeert. Het land is verwikkeld in een nationale discussie over de verwachtingen die men mag hebben voor het elftal. Die zijn of te hoog, of te laag. Mensen overschatten het elftal of nemen de ploeg niet serieus genoeg.

Beide kanten hebben een punt en de groep waarin IJsland zit tijdens het EK maakt het extra interessant. Als het land met bijvoorbeeld Engeland, Frankrijk en Duitsland in een groep had gezeten, was de afloop vooraf duidelijk geweest. Maar IJsland zit met Portugal, Hongarije en Oostenrijk in de groep. Drie landen die normaalgesproken beter zijn dan IJsland, maar ook drie landen die te kloppen zijn voor het IJsland van Lagerbäck en Heimir.

Maar deze discussie gaat eigenlijk nergens over. De vooruitgang en trots moet niet zitten in de resultaten en de kwalificatie. Die zit vooral in de manier waarop het team speelt. Hoe de spelers voor elkaar knokken.

Dit is een elftal van een rots in de Noord-Atlantische Oceaan, ter hoogte van Alaska. Het land is zo onbewoonbaar en lastig te bereiken, dat het tot 874 duurde voordat de eerste mensen zich er vestigden. IJsland, de naam zegt het eigenlijk al. Je moet je leven voorzichtig plannen en keihard werken, om er überhaupt in leven te blijven.

Heimir weet dit beter dan de meesten. Toen hij vijf jaar oud was, was zijn geboortestad Heimaey, een klein eiland, het epicentrum van een vulkanische uitbarsting. De grond scheurde open onder een veldje vlakbij de stad en de barst werd uiteindelijk bijna drie kilometer lang. Een muur van gesmolten gesteente schoot eruit omhoog als een brandende fontein. De complete stad werd binnen een paar uur geëvacueerd.

Het stadion van Heimaey. Foto door Brian Blickenstaff

De familie van Heimir keerde pas na meer dan een jaar terug. Heimaey was inmiddels flink veranderd. De stad was bijna twintig procent groter geworden door de opgespoten lava en er was een nieuwe berg ontstaan, de Eldfell vulkaan, 200 meter boven het veld dat het openscheurde. Meer dan zestig huizen waren vernietigd, bedolven onder twintig meter verharde lava. Overal lag as. Zelfs de toegang tot de haven was smaller geworden. 300 man hebben dag en nacht gewerkt om te voorkomen dat de haven helemaal dicht zou slibben.

De inwoners van Heimaey vochten tegen een vulkaan. Ze wonnen.

Ik bezocht de stad afgelopen mei en zag de oude voetbalcub van Heimir spelen. Na de wedstrijd vroeg ik een van zijn voormalig spelers hoe Heimir was als trainer.

“Zijn voetbalfilosofie is zoals die van de mensen hier. Hard spelen, hard werken”, zei de voetballer.

Er was wat Zweedse sluwheid voor nodig om de bodem te leggen voor de IJslandse voetbalrevolutie, maar Heimir voegde er dat laatste beetje IJslandse mentaliteit aan toe. Het team dat actief is op dit EK, is een team dat IJsland nooit eerder heeft gezien: een weerspiegeling van het land.

Als Lagerbäck straks vertrekt, is Heimir zijn logische opvolger. De IJslander zal het team verder ontwikkelen. De twee zullen er ergens wel van balen dat hun wegen scheiden. Ze zijn de afgelopen vijf jaar hecht geworden, terwijl hun elftal verrassing na verrassing leverde. Maar dit EK is niet het einde van de rit. Lagerbäck geeft het stokje over, zoals de twee trainers jarenlang al bepaalden.

Het EK van 2016 is slechts het begin.

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen: