US

The VICE Channels

Srdjan Suki-EPA
Friday, 10 June, 2016

Het roekeloze optimisme van Engeland is altijd aandoenlijk, maar dit keer maken ze kans

Op een bepaalde manier is het mateloze optimisme van Engeland altijd aandoenlijk. Het maakt niet uit hoe vaak de Engelsen in aanloop naar een eindronde onredelijk hoge verwachtingen krijgen, om vervolgens nauwelijks in de buurt van de eindwinst te komen. Het geloof dat het komende EK of WK hen toebehoort, zal altijd blijven.

Een duik in het archief levert een hilarische reeks quotes op:

● 9 juni 1998: “We hebben het hotel al geboekt voor de finale van het WK op 12 juli.” – Glenn Hoddle, bondscoach.

● 8 juni 2000: “Als we het optimale rendement uit onze spelers kunnen halen, dan kunnen we het EK winnen, dat geloof ik echt.” – Kevin Keegan, bondscoach.

● 29 maart 2002: “Als David Beckham, Steven Gerrard, Michael Owen en Paul Scholes fit blijven, hebben we zeker een kans om het WK te winnen.” – Sir Bobby Charlton, levende legende en winnaar van het WK in 1966.

● 19 maart 2004: “Het zal een grote teleurstelling zijn als we niet thuiskomen met de gouden EK-medailles.” – Wayne Rooney, speler.

● Januari 2006: “Ik denk dat we een van de zes of zeven teams zijn die het WK kunnen winnen.” – Sven-Goran Eriksson, bondscoach.

● 19 november 2007: “We geloven er allemaal in dat we het EK kunnen winnen. Dat moet het doel zijn.” – Peter Crouch, speler.

● 10 september 2009: “Als we iedereen fit kunnen houden en de motivatie hebben die we tegen Kroatië lieten zien, dan kunnen we meedoen om de WK-titel.” – Fabio Capello, bondscoach.

● 16 mei 2012: “De ervaren spelers met wie ik heb gesproken, zullen je zeggen dat we het EK kunnen winnen.” – Roy Hodgson, bondscoach.

● 6 juni 2014: “Kunnen we het WK winnen? We staan niet zo laag op de ranglijst [tiende] dus iedereen die zegt dat we niet kunnen winnen, heeft het mis. Door de progressie die we boeken en de staf die we hebben, denk ik dat we een goede kans maken op de eindzege.” – Roy Hodgson, bondscoach.

Vanzelfsprekend won Engeland geen een van bovenstaande toernooien. Ze haalden de finale ook niet.

Het patroon blijft hetzelfde:

1. Een solide maar niet bijster goede selectie toont in de maanden voor een eindronde een paar goede dingen.

2. De achterban maakt zichzelf wijs dat dit hun jaar wordt. De media voeren de druk op.

3. Er volgt een zogenaamd “vroegtijdige” uitschakeling van het toernooi, wat eigenlijk precies is wat er verwacht had moeten worden van de kwaliteit van de spelersgroep.

4. Teleurstelling. Zelfhaat. Analyses. Zelfreflectie.

5. Terug naar punt 1.

Altijd hetzelfde liedje. (Beeld van Youtube)

Als ze het EK in Frankrijk niet winnen, vervult Engeland al een halve eeuw een bijrol. Ze hebben maar één grote prijs gewonnen: het WK van 1966. Aan dat toernooi deden ze niet mee tot 1950. Tot dat jaar vonden de Engelsen dat hun voetbal zo ver verheven was boven de rest van de wereld, dat ze het nut niet inzagen van iets als een internationaal toernooi. Ze hebben het EK nog nooit gewonnen.

Toch zien de Engelsen het als hun geboorterecht om de kampioenen van het voetbal te zijn. Ze claimen dat ze de sport uit hebben gevonden. Het staat vast dat zij de sport populair hebben gemaakt aan het begin van de twintigste eeuw. Engeland leerde de rest van de voetbalwereld lopen en fietsen – de geschiedenis van bijna elk groot voetballand kan herleid worden naar de invloed van een Engelse trainer. Maar de ironie wil dat Engeland in het verleden is blijven steken. Hun tactiek heeft altijd iets ouderwets gehad, hun stijl is achterhaald en de kwaliteit van de spelers gaat achteruit. Pas toen Engelse clubs de rest van Europa niet meer bij konden benen, werd het ouderwetse lange-halen-snel-thuis spelletje langzaam maar zeker veranderd.

Nederlander Jan Romein heeft de wet van de remmende voorsprong bedacht. Die wet schrijft min of meer voor dat iemand met een ruime voorsprong op rivalen zich langzamer ontwikkelt dan de rest. Dat is wat er met Engeland is gebeurd in de voetbalwereld. De steevaste overschatting van het nationale elftal is een van de laatste overblijfselen van het ooit machtige Engelse voetbalkoninkrijk. Wat rest is elke keer weer die kater na fictieve superioriteit en een vrachtlading overmoed.

De Engelsen verwarren de rijkdom en goede marketing van de Premier League stelselmatig met goed voetbal. Dat ondanks het feit dat de meeste teams uit de Premier League slechts een handvol Engelse spelers hebben en de trainers evenmin van Engelse komaf zijn. De Premier League is geen Engelse competitie meer. Het is een internationale marktplaats voor goede spelers en trainers die een contract hebben bij mondiale clubs, die toevallig in Engeland gevestigd zijn.

De laatste tijd is er echter iets geks gebeurd. Engeland heeft een jong en hoopvol team. Een team dat bekwaam is op alle vlakken waar het goed in moet zijn. Elke positie in het elftal is tenminste voldoende bezet. De concurrentiestrijd om de plekken is zwaar. Roy Hodgson is flexibel geworden en heeft de focus op de jeugd gelegd, terwijl hij voorheen de belichaming was van de oude starheid van Engelse voetbalideeën.

Het eindeloze optimisme van Engeland hoeft dit keer niet ongegrond te zijn.

Talenten bieden hoop. (Foto: Srdjan Suki-EPA)

Het enige echte probleem is Wayne Rooney. De aanvoerder op leeftijd wordt dit jaar dertig. Het is alweer bijna vijftien jaar geleden dat hij zich ontpopte tot fenomeen. Op de een of andere manier heeft hij de belofte waar kunnen maken, ondanks de zware druk van Engelands altijd hoge verwachtingen. Hij is zonder twijfel een van de drie beste spelers die het eiland ooit voort heeft gebracht – hij scoorde 52 goals voor Engeland, een record.

Maar het voormalig wonderkind is een probleemkind geworden. Hij is te aanwezig, te geprezen en te jong om op de bank te zitten. En misschien is hij daar ook te beroemd voor. Maar er is eigenlijk geen plek voor hem in de basis. Harry Kane en Jamie Vardy vormen samen een betere voorhoede, net als hun vervangers Daniel Sturridge en de achttienjarige Marcus Rashford. De twintigjarige Dele Alli kan beter achter de spitsen spelen dan Rooney. Dus waar moet Wazza Roo spelen? Dat vraagt heel Engeland zich af. Maar het is een luxeprobleem, want het elftal barst van het talent.

Dit keer hebben de Engelsen in aanloop naar het toernooi geen grote uitspraken gedaan over de eindwinst van het EK. Toch maken ze dit keer een kans.