US

The VICE Channels

VICE Sports
Monday, 13 June, 2016

De cultstatus van Gianluigi Buffon

Voor het EK belicht VICE Sports een paar voetballers met een cultstatus. Dit keer de legendarische Italiaanse keeper Gianluigi Buffon.

Ik moet dit verhaal beginnen door iets op te biechten: Gianluigi Buffon is mijn favoriete voetballer aller tijden. Sommige mensen vinden het maar raar als ik dat vertel. Ze draaien hun hoofd een beetje, knijpen hun ogen samen en vragen: “Echt waar?” Ze leggen de nadruk op “echt”, alsof dat ervoor zorgt dat ik van gedachten verander. Misschien dat ik dan terugkeer naar de realiteit, misschien dat ik dan zal zeggen: “Nee joh, geintje, mijn favoriete voetballer aller tijden is Dennis Bergkamp, Gareth Bale of Dulwich Hamlet-verdediger Ethan Pinnock. Niet een keeper die ik niet kan verstaan en sporadisch zie spelen.”

Toch is het waar. Buffon is mijn favoriet, alhoewel ik geen bijzondere band heb met Italië, noch Juventus, de club waar Buffon het woord “legende” een nieuwe betekenis gaf. Ik koop pakjes Panini-plaatjes in de hoop Buffonnetjes te vinden. Ik kijk youtubevideo’s met slechte ondertiteling om meer van hem te weten te komen. Als ik niet tegen de dertig was, had ik hoogstwaarschijnlijk een poster van Buffon in mijn slaapkamer.

Natuurlijk is het ook weer niet zo heel gek om Buffon te aanbidden. Hij is – en ik tolereer geen tegenargumenten – de beste keeper van de afgelopen vijfentwintig jaar. Hij is al vijftien jaar de nummer één van zowel Juventus als Italië, en het ziet er niet naar uit dat hij binnenkort zal stoppen. Hij heeft zo’n beetje elke grote prijs gepakt, waaronder de grootste prijs die er is. Gianluigi Buffon, campione del mondo.

Er zijn meerdere spelers van wie de voetbalkwaliteiten een grote indruk op me hebben gemaakt, zoals Dennis Bergkamp, op wie de zwaartekracht geen grip had. Van andere spelers kan ik de passie voor het nationale elftal heel erg waarderen, zoals de typische Welshman Gareth Bale. Daarnaast waardeer ik niet alleen topvoetballers die veel prijzen winnen, wat verklaart waarom ik ook fan ben van Dulwich Hamlet-verdediger Ethan Pinnock. Dus waarom vind ik Gigi Buffon de allergrootste speler ooit?

Buffon viert zijn laatste prijs, de Coppa Italia van dit seizoen // EPA Images/Riccardo Antimiani

Internationale voetbaltoernooien zijn er voor kinderen. Echte kinderen van tien jaar verzamelen stickers en statistiekjes, terwijl volwassen kinderen proberen terug te keren naar het plezier dat ze als kind hadden. Ik heb nooit meer ergens zo eenvoudig van kunnen genieten als het WK van 1998. Als we ouder worden, vormen nieuwe toernooien een brug naar zulke gevoelens. Elk toernooi staat voor elke voetballiefhebber wel voor een paar iconische momenten.

Weet je waar de finale van het EK van 2000 voor staat? Dat was de laatste keer, tot op de dag van vandaag, dat Gigi Buffon niet de nummer één keeper van Italië was in een eindronde.

Gigi Buffon in zijn jongere jaren bij Parma, in duel met Zinedine Zidane van Juventus // EPA Images

De consistentie van Buffon is de basis van mijn liefde voor hem. Hij heeft zich in mijn hoofd genesteld als de grootste aller tijden, simpelweg omdat hij er altijd bij was. Ik heb slechts vage herinneringen aan het Italiaanse voetbal voordat hij onder de lat kwam te staan. In 1997 maakte hij zijn debuut voor Italië en daarvoor speelde hij al een paar jaar in clubverband. Ik was destijds een kind en het aanzicht van een onpasseerbare tiener op doel bij Parma, met een felgeel tenue, sprak tot mijn verbeelding.

Buffon was er ook bij in 2006. Stoïcijns en ijzersterk. Hij was essentieel voor de WK-winst van Italië. Ik was toen negentien. Ik herinner me nog dat ik naar huis rende na een lange dag werken in een stoffige opslagruimte van een kantoor, om de halve finale tegen Duitsland te kijken. Buffon hield voor de vierde keer op rij zijn doel schoon.

Nu staat hij er nog steeds. Ik lijk inmiddels min of meer op een volwassene. Buffon breekt nog steeds records en wint nog steeds prijzen. Hij is er altijd geweest. Daarom denk ik dat hij staat voor een weg terug naar mijn jeugd, via mijn tienerjaren: een rode voetbaldraad die door het grootste deel van mijn bewustzijn loopt. Banen, vriendinnen en woningen zijn allemaal gekomen en gegaan, maar Buffon is er altijd geweest.

Het EK van 2016 is zijn negende eindronde met de Azzuri en hij wil daar graag tien van maken, met het WK van 2018, precies twintig jaar na het WK van 1998. Als hij dat voor elkaar krijgt, zal Buffon de eerste man ooit zijn die in zes verschillende WK-selecties heeft gezeten.

Buffon begint sowieso aan het EK, hopelijk komt hij ver // EPA Images/Ray Attard

Daarna is het waarschijnlijk gedaan. De draad wordt doorgesneden, mijn leven zal door de lucht zweven als een ballon die is ontsnapt uit de handen van een kind. Maar tot dat moment is Buffon er. Hij staat deze zomer gewoon onder de lat voor Italië als herinnering aan alles wat is geweest, als symbool van onsterfelijkheid.

Zoals ik al zei, Buffon is voor mij de beste keeper van de laatste vijfentwintig jaar. Hij kan geweldig keepen, maar zijn kolossale aanwezigheid in het hart van de verdediging is misschien nog wel belangrijker. Ik kan geen oordeel vellen over zijn voorgangers. Ik acht het onmogelijk om spelers te beoordelen die je niet in hun eigen tijdperk hebt zien spelen. Dus ik hou het bij de afgelopen kwart eeuw. In die periode staat Buffon op eenzame hoogte.

Als je goed genoeg bent, ben je oud genoeg. Die wet geldt voor alle grote talenten uit de voetbalgeschiedenis. Alleen de allerbesten hebben zo’n vat op hun talent dat ze al op hun zeventiende kunnen presteren alsof ze al zeventien jaar lang op topniveau spelen.

Dat was het geval bij Buffon. Hij debuteerde op 19 november 1995 voor Parma, destijds een gevestigde naam in de Serie A. Hij was zeventien en hield meteen de nul tegen AC Milan. Tegen de tijd dat Buffon 21 was, had hij de Coppa Italia en UEFA Cup gewonnen, voordat hij naar Juventus vertrok.

Hij debuteerde voor Italië in oktober 1997, pas negentien jaar oud, en ging negen maanden later als derde keeper mee naar het WK. Hij werd de eerste keuze na het EK van 2000 en stond daarna nooit meer ter discussie. Hij heeft alleen wat wedstrijden gemist door blessures. Zo heeft hij nu 157 interlands op zijn naam staan, een record in de geschiedenis van de Azzuri.

Buffon heeft verreweg de meeste interlands van Italië // EPA Images/Andreas Gebert

Zijn prijzen passen mooi bij zijn indrukwekkende statistieken. Negen Italiaanse kampioenschappen, het WK in 2006 en nog een paar handen vol, inclusief de UEFA Cup, drie keer de Coppa Italia en zes keer de Supercoppa Italiana. Hij stond ook in de verloren finale van het EK 2012 en tweemaal in de finale van de Champions League. Had hij in die wedstrijden aan de winnende kant gestaan, dan had hij alle Europese hoofdprijzen gewonnen.

Maar de carrière van Buffon gaat niet enkel over rozen. Twee kampioenschappen zijn Juventus afgenomen vanwege de rol van de club in Calciopoli, het schandaal dat de Serie A in 2006 in zijn greep hield. Buffon werd ondervraagd en later onschuldig verklaard door de Italiaanse voetbalbond. Juventus werd gedegradeerd naar de Serie B. Buffon bleef de club trouw en hielp Juventus aan de winst van de Serie B. Deze daad maakte hem zo mogelijk nog populairder bij de supporters van Juventus.

Buffon na een wedstrijd tegen Reggina in mei 2006, tijdens het Calciopoli schandaal //EPA Images/Claudio Onorati

Buffon heeft ook een waardevolle rol gespeeld buiten het veld. Hij is een van de weinige topvoetballers die psychische gezondheid aankaartte tijdens zijn carrière. Zelf kampte hij met depressies toen hij rond de vijfentwintig jaar was. Hij kwam er een paar jaar later mee naar buiten, door te vertellen over de duistere kanten van zijn brein en de angst om daar publiekelijk over te spreken. Statistieken wijzen uit dat zelfmoord het meest voorkomt bij mannen tussen de 30 en 44 jaar. Dat betekent dat een aanzienlijk deel van de voetbalwereld risico loopt. Normalisatie hiervan heeft er baat bij wanneer een van de meest gerespecteerde spelers uit de sport zijn eigen problemen publiekelijk bespreekt.

Buffon is verre van perfect. Als 21-jarige speler van Parma droeg hij eens een T-shirt met een neofascistisch logo, en hij droeg rugnummer 88, een nummer met een neofascistische betekenis. Hij legde dat zelf later uit als jeugdige naïviteit en onwetendheid. Sindsdien heeft hij zulke acties niet meer ondernomen. De incidenten dateren van vijftien jaar geleden. Ik ben hier niet naïef over, maar aangezien Buffon niet opnieuw in de fout ging, geef ik hem het voordeel van de twijfel. Als kind waarschuwt niemand je dat je jouw helden op een dag moet beoordelen als normale mensen.

Maar goed, dit artikel moet in het kader van het EK staan. Laten we een verliezende held eren, want ook Buffon is slechts een mens. Buffon was de keeper van het Italiaanse elftal dat in 2012 de finale van het EK haalde. Hij hield zijn doel schoon tegen Engeland in de kwartfinales en kreeg slechts een penalty tegen in de halve finale tegen Duitsland (2-1 winst).

Buffon kijkt teleurgesteld, terwijl Juan Mata een Spaans doelpunt viert // EPA Images/Radek Pietruszka

Maar Italië kon niet opboksen tegen Spanje in de finale. Ze waren niet in staat om zich te meten aan de Spanjaarden. Spanje won met 4-0. Na elke goal zat Buffon even op zijn knieën in de doelmond, zijn handen op zijn heupen, starend in het niets. Op die momenten van verslagenheid leek hij bijzonder menselijk, een sterveling zoals de rest van ons.

Over het verslaan van depressie zei Buffon: “Het gebeurde opeens. Ik was altijd bang om het veld op te gaan. Maar tijdens het EK in Portugal, tijdens de vreselijke wedstrijd tegen Denemarken, was ik de enige met een glimlach op mijn gezicht.”

@Jimmy_Weeks

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen: